Spain 2018 (in dutch)

De dag van vertrek komt steeds dichterbij… 

Zaterdag gaat het gebeuren, via Luzern om een dagje bij Mirjam Grunwald door te brengen en dan richting Spanje. 23 dagen zwerven op de motor. Einddoel is Alicante, daar een paar dagen bij jeugdvrienden Sanne en Peter doorbrengen en dan weer terug via Larraule (F) waar Egon, een oud collega woont. 
Ik geef het grif toe, geen idee waar ik aan begin. Maar ik heb 23 dagen de tijd om dit uit te zoeken en te ervaren. Vorig jaar heb ik in 10 dagen een trip gemaakt naar Zwitserland en Italië, maar daar had ik meer dan 6 dagen fijn gezelschap van René ‘Waar gaan we heen Jon’ Vidal. Nu ga ik echt alleen. 

Spullen liggen zo goed als klaar en gaan vrijdagavond in de tas of koffer, routes zitten in de navigatie en de motor heeft voor hij de winterslaap in ging een grote beurt gekregen. Wat kan er mis gaan? Ik hoop niet al te veel…….

14 April, 2018
Half 4, klaar wakker…… Vandaag gaat mijn trip van 3 weken beginnen. Gisteravond nog even een biertje in het plaatselijke kroegje gedaan en nog wat goede wensen in ontvangst genomen. “Goeie reis, veel plezier, kom heel terug…..” Ach, jullie kennen ze vast wel. Vandaag naar Luzern, dik 800 km maken en gewoon stom van A naar Mirjam rijden, die woont tenslotte daar. Alles op de motor geprakt, kat Joep nog een dikke knuffel gegeven en hoppa….. Daar gaat ie. Deze keer niet over de A2 langs Breukelen en Abcoude om daar dan ook de zon mooi op te zien komen, deze keer via de A1 richting Arnhem en bij Babberich de grens over. Het is heiig en bijna saai. Maar ach, het is de 1e dag, er komen nog 22 mooie dagen, wedden? Het grensbord komt in zicht na een kleine 1,5 uur, ‘Bondsrepubliek Duitsland’…. De snelweg is saai, net zo saai als in Nederland. Gelukkig heb ik een muziekje in mijn helm en zing ik vrolijk mee op de teksten van ABBA en Sting. Bij Dinslaken-sud wordt het toch even spannend als een vrachtwagenchauffeur de file iets later opmerkt dan eigenlijk fijn is. Zeker gezien het feit dat ik als laatste buffer fungeer. Ik duik naar links tussen de paaltjes door, hij rechts de vluchtstrook op……. Oef!!!!! Leuk, maar niet nog een keer graag. We worden de snelweg afgeleid ivm asfalt-werkzaamheden. Stukje binnendoor, meteen even tanken en 10 minuten later weer de snelweg op, verder richting Keulen. Op gezette tijden even stoppen, boompje water geven, broodje eten en beentjes strekken. Nog weinig bochten tegengekomen trouwens, op een paar rotondes na. Die tellen niet vind ik. Niet heel spannend he? Nope!! Nog 250 km tot Luzern, we komen in de buurt. Nog 150….. De grens van Zwitserland komt in zicht, geen zorgen omdat ik netjes een vignet heb gekocht via ehhhhhhh marktplaats. Bij de grens geen controle, maar wel een dikke tegenvaller. Als ik mensen uitnodig in mijn huis zorg ik altijd dat het een beetje netjes is. Huisje opgeruimd, spullen aan kant etc. De Zwitsers denken daar heel anders over. Basel zal vast een mooie stad zijn hoor, maar vanaf de snelweg ziet het er vies en armoedig uit. Geen visitekaartje denk ik dan…. Maar goed, we hebben geduld. De 1e tunnel, de 2e tunnel en dan komt langzaam het kenmerkende Zwitserse landschap in beeld. Huizen tegen de bergen op gebouwd en daarachter zie ik al wat witte toppen. Sneeuw, leuk…..al wil ik er geen meter in rijden. Ik rij door, geniet van een zonnetje wat op mijn helm schijnt en rij Luzern binnen. Met de economie gaat het beter dan met Basel-by-road. Dikke auto’s van merken die je normaal alleen in Top-gear zag met uitlaten die meer muziek van herrie maken, ze glimmen je tegemoet. Luzern verrast mij, al had ik geen idee wat te verwachten. Dure winkels met dito vast hele dure vrouwen in onderhoud die voor de etalages staan te kijken welk tasje ze nu weer willen hebben. Ohja, ik bedacht mij onderweg dat ik mijn gewone schoenen vergeten ben. Hmmmm, ik kijk in Frankrijk of Spanje wel even, hier is dit vast een aanslag op mijn Gold-card die ik niet heb.

Ik rij langs een meer, het 4woudstedenmeer. Het is druk, mooi weer en dus veel wandelaars. Bootjes varen over het meer en geeft een leuk beeld. Maar eerlijk is eerlijk, ik verlang naar mijn eindpunt. 866km in krap 11 uur….. Ik vind het mooi geweest. Nog 2km, 500m…. Hoekje om en ehmmmmmm, waar woont ze nou eigenlijk? 1 telefoontje en 1 minuut later sta ik voor haar deur. Yes, de kop is er af en de langste rit heb ik achter de rug. Morgen toeristen met Mirjam in Luzern en maandag volgt rit #2 zonder vast eindpunt nog.
Zondagochtend in Luzern, uitslapen…..dat wilde ik wel. Maar helaas, mijn bioritme als vrachtwagenchauffeur laat mij niet in de steek. 5 uur klaar wakker. Zachtjes sluip ik door de gang op weg naar het toilet in de hoop Mirjam niet wakker te maken. Na gedane zaken sluip ik terug en probeer nog wat te slapen. Forget it! Ik rommel wat op mijn mobiel en om 8 uur is het mooi. Ik kruip er uit, Mirjam is ook wakker en samen staan we wakker te worden in de keuken. Koffie, thee, broodjes uit de over en warme croissantjes zijn er in de aanbieding. Heerlijk en gezellig, samen ontbijten en kletsen. Verhalen over en weer, ervaringen van Mirjam waar ik veel mee kan en ook levensvraagstukken……het is een fijne vrouw waar ik mij op mijn gemak voel. Prettig, want eigenlijk kennen we elkaar amper. We genieten beide. 

Vandaag gaan we Luzern bekijken, althans…ik, zij kent het tenslotte al. Een stevige wandeling gaat er aan vooraf met heuveltje op en heuveltje af. Ik had al gezegd dat ik gewone schoenen vergeten was toch? Gelukkig leeft Mir op grote voet en pas ik haar gympen. Probleem opgelost en met een wandeling als deze geen overbodige luxe. Ruim een uur zijn we onderweg als we in Luzern aankomen. Natuurlijk hang ik de toerist uit en maak foto’s links en recht (Ik heb je noodkreet gehoord, Ben). Voor ons loopt een stel met 2 inkipinkiemini hondjes, chiwawa’s…..of hoe heten die krengen. En op hun rug dragen de man en vrouw rugtassen voor, je raadt het al, de hondjes. Ieder zijn ding, maar ik maak er wel een foto van natuurlijk.
Luzern is mooi, zoals eerder gezegd had ik er geen voorstelling van en Mirjam laat mij het oudste hotel zien waar volgens zeggen de stad gesticht is. Leuk, fotoooooooo…….

Zo kabbelt de dag voort, we praten veel, eten een broodje en drinken onze flesjes water. Zelf mee genomen, Zwitserland blijft belacheloos duur tenslotte. 

Terug met de bus, wandelen is leuk maar het moet leuk blijven. Mirjam koopt een kaartje via een app op haar mobiel, controle is er nooit en dus rijdt een van ons 2en zwart. 

‘S avonds een pizza en een fles rosé, life is good! 

En na zondag komt altijd maandag, de dag dat ik verder richting Perpignan ga rijden. Ik had besloten het in 2 dagen te doen, omdat nog een keer dik 800 km mij niet aantrekkelijk lijkt. 

Spullen gepakt, ontbijt genuttigd en tijd om afscheid te nemen. Een dikke knuffel en de belofte elkaar snel te spreken blijven niet uit. Ik rij weg en laat op professionele wijze mijn motor afslaan. Tja, ik wil natuurlijk even laten zien hoe goed ik een motor kan starten…..KUCH!

Aldwige….Alwige…..pfff Adligenswil uit, Luzern door en via de snelweg richting Genève. Het zou regenen volgens de weersvoorspelling maar ik denk dat de Zwitserse uurwerken nauwkeuriger zijn dan de weermannen, het is droog op een paar spatjes na. Voor niks mijn regenoverall aangetrokken dus. Ach, wel lekker warm. Bern voorbij en ik geniet, ondanks de snelweg voel ik mij fijn. Het landschap bekoort mij en de zon komt hier en daar skraal door de wolken heen. De grillige bergen maken plaats voor glooiende landschappen. Maar ik blijf het raar vinden…..de Zwitsers spreken Duits, Italiaans en ehmmm dus ook Frans. Lekker, ik denk al in Frankrijk te zitten. Maar nee…..het is het Franstalige deel. Zeg, zullen we gewoon afspreken dat jullie Duits praten, wij Nederlands, Spanjaarden Spaans etc? Mooi, geregeld! 

En dan komt daar toch de grens gevolgd door wat tunnels en ik zet mijn navigatie op snelweg vermijden. Afslag 19, uitvoegen en ja hoor……..een ienimienie col doemt op. Klap naar links, klap naar rechts en zo knor ik lekker door het Franse landschap op weg naar de Ardèche. Daar wil ik een camping zoeken en mijn avond en nacht doorbrengen. Google is mijn grote vriend en samen vinden we een camping in Saint Laurent du Pape. Ergens zie ik een bord Lac du Paladru, wat leuk……daar gingen wij vroeger met pa en ma naar toe met de vouwcaravan. Ook staat er een hotel wat volgens mij zijn beste tijd heeft gehad. Maar te leuk om niet te fotograferen. Ik rij de laatste kilometers en ben op mijn eindpunt van vandaag. De camping is open en ze praten zelfs Nederlands. Prettig met mijn talenknobbel die niet verder gaat dan Oui et non. Ik mag een plekje opzoeken, maak kamp en ga tevreden in mijn Ali-express stoel zitten met een welverdiend blikje bier. Life is good! De zon schijnt, het is warm en ik maak een praatje met de overburen welke uut Grøn komen. Hij heeft een 1150 gehad, dus hij vindt het allemaal allemachtig prachtig. 

De brander gaat aan, rijst koken en kip braden…..eet smakelijk! 

Geplaatst 17 april

Als ik maandagavond mijn bedje in kruip is het stil, dooooooooodstil op de camping. Het enige wat ik hoorde was het ruizen van de blaadjes aan de bomen. Wat een rust, heerlijk. Als mens moet je ook kunnen genieten van niks, en dit was zo’n moment. Maar hoe anders toen ik om 6 uur wakker werd. Een kakofonie van getwitter en gekwetter van diverse vogels die het ook tijd vonden om wakker te worden. Een gratis concert, wat wil je nog meer terwijl je het slaap uit je ogen wrijft.

Ik sta op en zie een camping in ruste, ik ben de 1e die er uit is geloof ik. Koffie zetten, als je oploscapucino koffie mag noemen tenminste…..stokbrood met 2 dikke plakken ‘jambon’ en nog een 2e bak oplosmeuk. Ik wil om half 9 rijden, dus langzaam begin ik alles op te breken maar herinner mij dat mijn propzak van mijn slaapzak gescheurd is. Dus naald en draad en even repareren al zittende in mijn fauteuil van Ali. Hmmmm, half 9? Nah, 9 uur is ook goed en zo knor ik om half 10 de camping af. Vakantie hoor!

Vandaag de grens van Spanje opzoeken. Vlak daarvoor nog een camping zoeken en dan morgen Spanje veroveren. De navigatie staat nog steeds op snelweg vermijden, dus ik kachel lekker over de lokale D-wegen…… De zon schijnt, mijn pak is ontdaan van zijn binnenvoering en de zomerhandschoenen hebben het stuur vast. Ik rij door pittoreske Franse dorpjes, Spaanse vind je hier per slot van rekening niet. Al kijk ik niet raar op als die Zwitsers ook binnenkort een Spaanstalig deel hebben, de gekkies! 

Het is een dag van rotondes vandaag en al snel zit ik achter een boertje men een wagen vol kerstbomen. Ze zijn veel waard waarschijnlijk want hij heeft er geen gang in. Inhalen kan niet, de weg is te onoverzichtelijk. Dus ik zet mijn vizier open en schreeuw “Hey mon ami, tout tres de pronte la prostituee par la monde et trottoir vous allez une poubelle”. Vrij vertaald: Hey vriend, flikker eens op met die overjarige kerstbomen. Anders stop ik er 1 in waar de zon nooit schijnt. Het maakt geen indruk, hij rijdt onverstoorbaar door op zijn gemakje. Ik berust……

Het landschap is mooi, ik rij langs de Rhône zie de zon steeds feller worden. Maar ook warmer dus. Blij dat ik mijn kleding aangepast heb. Niet veel later rij ik langs velden vol met wijnranken. Links staan hoge, rechts lage tot kniehoogte. Links zal vast voor de 1,5L fles zijn, rechts voor de 0,5L. 

wink:

Foto’s, hmmmm……ja. Ik was er voor gewaarschuwd. Als je alleen rijdt ben je geneigd meer door te rijden en minder stoppies te maken. Het klopt, ik rij fijn en in een lekker tempo. De foto’s komen in Spanje wel denk ik. Tijd om te tanken bij Donère en rond half 1 stop ik voor een broodje en een appel die ik nog van Mirjam mee had. Net als haar schoenen inderdaad, Ben. 

In de schaduw, pak open en even wat appies beantwoorden. Verderop hangen wat jongens bij het water en proberen duidelijk indruk te maken op het enige meisje wat in het gezelschap aanwezig is. Grappig, wie zal er ‘winnen’? 

Time to go, pak dicht handschoenen aan, handschoenen uit, helm op en handschoenen weer aan. Handschoenen uit, helm af, oordoppen in en de rest weer in de juiste volgorde op en aan. Zucht…….

Vlak voor Montpellier zit er een GS achter mij. Hey, René is er weer denk ik. Gezellig, maar 2 rotondes later is hij weer weg. Ik had even een flash-back. “Waar gaan we vandaag heen, Jon?” was een veelgehoorde kreet vorig jaar in Zwitserland en Italië. 

Montpellier is druk, warm en ik wordt er rechtmiddenstraight doorheen gestuurd. Moet dit echt? Mijn motor is luchtgekoeld, maar ik merk dat ik daar ook ernstig behoefte aan heb. Het loopt in straaltjes over mijn rug, maar toch geniet ik van de stad. Mooie oude gebouwen, sommige iets te oud en te krakkemikkig maar wel met spiksplinterhagelnieuwe aluminium kozijnen. Wierd! 

Het schiet niet op, mijn ETA was 16:25 maar loopt al snel op. Ik heb geen zin om om 7 uur nog tent op te zetten en alle andere nietszeggende dingen te doen. Keuze maken, nu! Oké, tegen principe in duik ik de A9 op richting Barcelona. Even km’s maken weer. ETA is nu weer netjes 16:15. FlopFlop, gas er op en met 130 knal ik richting Spanje. Net na de Péage moet ik er af en dan is het niet ver naar het beginpunt van mijn Spaanse routes. Bij de Péage moet ik…….WTF 40,- betalen. Dit klopt vast niet, maar ik weet niet 123 waar te reclameren en mijn Franse taal is net zo slecht als hun Engels, zeker als het om geld gaat. Nou ja, jammer. 

Vlak na de Péage moet ik dus een afslag nemen. Maar ehmmmm, die gekkies hebben gewoon die hele afslag weggehaald voor onderhoud. Dat is dik 30 km doorrijden en dan keren….. Leuk plan, doen we niet. Ik rij door naar Spanje. Olé! 

Nog geen 2 km over de grens werd ik al welkom geheten door lieftallige dames in ehmmmm zeer weinig bedekkende kleding. De rotonde-meisjes. Toen ik 6 jaar geleden in Spanje was zag ik ze voor het eerst en in vroeg aan Sanne en Iris (de vrienden die mijn reisdoel zijn dit jaar) wat dat nou was. Moeder en dochter schoten samen in de lach en vertelde dat ook in Spanje dames van plezier bestaan. Goh, je zal maar aan de rand van de snel weg je doppie willen maken als man. Ik sla over, hoe gek kan je zijn.

Nog een keer tanken en daar even een camping zoeken. 16 km verderop zit er een. Ik tik het in de navigatie, maar de straat kent ie niet. Iets wat met C/ begint vind ie lastig, net als ik. Dan maar via Google maps, telefoon onder het doorzichtige plastic van de tanktas en gaan. 

De camping is open, er is plek en als ik na 19:00 incheck krijg ik €10,- korting. Hmmmm, dat is dik 2 uur wachten. Ik lach lief, knipoog een keer en de korting is in the pocket. Zo regelen we dat gewoon, moppie!

Tentje staat binnen 5 minuten nadat het pak verruild is voor een korte broek en flipflops. 

Biertje, stoeltje, zonnetje……..laat de avond maar komen. 

Geplaatst 18 april (bewerkt)

Woensdag, een dag voor in de boeken……

Vanmorgen speelde mijn bioritme mij weer parten. 4:45 klaar wakker…… Wat is dat toch? Thuis kan ik ook best uitslapen. Maar helaas. Even de plaatselijke vegetatie bewateren en weer terug de slaapzak in. Ik dommel wat verder en 7 uur is het mooi. Er uit, slaapzak proppen, luchtbed leeg laten lopen en al vast wat spullen inpakken die ik niet nodig heb voordat ik de tent uit kruip om koffi….ehhhh oploskoffie te zetten. Voor 10 uur moet ik weg zijn, anders ben ik mijn bevochten korting van gisteren kwijt. Dat moet lukken, ik wil 9 uur het dorp uit zijn. Broodje, nog een kop oploskoffiespul en verder inpakken. Het is stil op de camping, er staan veel pensionados want het ziet geel van de hollandsche kentekenplaten en schotelantennes. Het lijkt Poelenburg in Zaandam wel. Ik pruttel lekker verder, koffers aan de motor en bijna klaar om het pak aan te trekken nadat ik mijn tanden wilde poetsen. 

De buurvrouw van 2 plaatsen verderop vraagt of ik koffie wil. Hmmm, echt koffie…..lekker! Ik neem de uitnodiging aan en loop even mee. Heeft ze het nou koud of……nah, never mind! Ze praat honderd uit en maakt een compliment over dat ik er goed uit zie en stoer alleen op zo’n grote motor bla bla bla… Ja, hun huwelijk proberen ze nu te redden door samen te kamperen omdat manlief met pensioen was en ineens 24/7 op haar lip zat. De spraakwaterval gaat maar door en ik hoor alles over hun auto, caravan, camper etc. Weer een compliment…..ik vind het mooi geweest. Ik lurk mijn bak leeg en bedank haar voor de pleur. Het was niet koud dus…. 09:10 rij ik weg.

Vandaag toch de beslissing genomen om terug te gaan naar Argles s/ mer om daar langs de kust de grens over te gaan. Motor starten, nog een zwaai naar de buurvrouw en gas er op. Binnen no time zit ik weer op de snelweg en vlak voor de Péage in Frankrijk is daar dan toch die afslag. Binnenwegen leiden naar het stadje en weldra begint het feest. Argles s/ mer laat ik achter mij en de eerste bocht is een feit, de 2e, 3e…..127e….

Wat een weg is dit. Pure, sorry dames, bochtenporno. Hier kan Kim Holland nog een puntje aan zuigen, al doet ze dat maar al te graag als ik het mag geloven. Ik passeer de grens, die alleen herkenbaar is aan 2 oude hokjes met dichtgetimmerde ramen en grafity op de muren. Ook geen schoonheid zo zeg….. De weg kronkelt door en in El Port de la Selva rij ik te ver. Huh, ik moest de kust volgen toch? Maar nee, keren moet ik. Ik rij door smalle stijle straatjes die meer gaten zijn dan straat. Mijn flesje OranginAAAA trilt zowat uit zijn etiket. De route pakt weer op en ik glim weer van oor tot oor. Omhoog de bergen in, op….whatever! Wat een feest weer. Ik klim en klim, het uitzicht wordt adembenemend mooi, de baai en het dorpje baden in het zonlicht. Ergens stoppen en foto maken, het moet. Ik ben even stil…. Ik spring weer in jet zadel en ga verder. Het blijft feest, elke bocht weer. Al is het wegdek om te huilen. Kuilen zo groot als zijkoffers, het is geen weg om even op weg te dromen. 1 kuil zag ik te laat, gelukkig niet de grootste uit de collectie. Auw, maar het ging goed. Velg en band maken het goed. Al snel kwam de keuze Andorra ja of nee weer ter tafel. Ben en een man die ik vanmorgen sprak waren al niet 100% vloeibaar enthousiast, dus ik laat het schieten. Mooi is dat om ter plekke je plannen te kunnen aanpassen, niks moet en alles mag. Ik ga via Ripoll en Berga. Navigatie aanpassen en hop….. Maar ik moet eten en drinken. Het is al na 12en en de buik rommelt. Nog even door, nog een klein stukje. Ik moet mijzelf dwingen om te stoppen. Grrrrr, conflict met mijzelf. Maar ook, vers brood met pepersalami is ook geen straf. De buik is vol, de blaas leeg en we gaan verder. Eerst ernstig saai over een stuk rechttoe-rechtaan weg, maar daarna barst het weer los. Bocht na bocht…… Mochten jullie ooit hier in de buurt zijn, pak die C-26. Doen! Ohja,  eerst rij ik nog even door een tunnel die voor 3sterrenkoelkast studeert. Brrrrr, ijskoud is het in de Tunel Collabós. Zoals gezegd, Ripoll-Berga is gaaf, weer naar link en naar rechts klappen, lekker tegen het stuur douwen en aardig vlak door de bocht…. De tijd gaat snel, de kilometers gaan hard en voor ik het weet ben ik het mooie moment van 100.000 km op de teller al dik 40 kilometer gepasseerd. Hmmmm, jammer…..geen foto. 

Het is rond 3 uur als ik in Google op zoek ga naar een camping die op een uurtje rijden ligt. Ik vind er een in Tàrrega. Mooi, ik rij over lange wegen met mooie bochten waar je lekker rond de 110 door kan zoeven. Beetje links, beetje rechts. Als een speren voor ik het weet rij ik 130. Ali, even afzakken. Ik rij Tàrrega binnen en ga langs de pomp. De camping kan ik niet zo snel vinden. En daar sta ik oog in oog met de mooiste pompbediende die ik ooit in Spanje gezien heb. Grote bos krullen, lange rode nagels en kijkers zo groot als knikkers. Ik stamel en pruttel wat, ze haalt een beestje van mijn vestje af met haar lange roodgelakte nagels en ik probeer via Google uit te leggen dat ik een camping zoek. Maar het lukt niet…..ik weet niet wat er gebeurt….ik, ik, ik…… Maar ik verman mij, recht mijn schouders weer en krijg uiteindelijk door dat ik verder moet zoeken. De camping is niet meer. Ze geeft een alternatief aan en ik bedank haar. Ik gedachten zijn we in elkaars armen verstrengelt en…..en…..   Maar in werkelijkheid breek ik gewoon bijna mijn nek over de drempel. “Soepkip, dat doe je handig” mompel ik in mijzelf. Ze lacht…….zucht! 

Via de supermarkt aan de overkant van de rotonde zet ik koers naar de camping die mijn “geliefde voor 60 seconde” heeft aangewezen. 30 minuten rij ik verder, als ik morgen of overmorgen of wanneer dan ook moet tanken ga ik……ach ze verstaat je toch niet, soepkip. 

De camping heeft plek, ik mag zelf zoeken waar en zelfs het zwembad is voor de prijs van €15 inbegrepen. 

Eerst een chippie en een biertje! 

Geplaatst 19 april

“Ik draai me om en kijk haar aan….. Wat is ze mooi, zelfs als ze slaapt. Haar krullen, haar rode nagels en zelfs als haar ogen dicht zijn zijn ze mooi. Ik draai naar haar toe en……flikker van mijn luchtbed af op de harde ondergrond. Ik schrik wakker, het was een droom.” Shit…….

7 uur, tijd om op te staan. Ik ga verder met mijn avontuur. Eerst douchen, dat was gisteravond ff buiten de planning gevallen. Met handdoek en verschoning loop ik naar het sanitairgebouw, maar helaas…….. Alles op slot! Lekker, dan vanavond maar douchen. Ontbijt, koffi…..oploskoffie, spullen opruimen en om half 9 rol ik de camping af. Ohja, de prijs was incl zwembad toch? Nah, dan moest ik wel eerst even zelf het kraantje opendraaien zeker. Het bad is leeg, leeg leeg zeg maar. Mooi lokkertje zo. 

Ik moet 15 minuten rijden tot het volgende punt van mijn navigatie weer oppakt. Ik geniet van de opkomende zon, het landschap en de vrijheid die ik ervaar. Ik ben happy, heel happy! 

Bij Riudabelle zegt mijn nav dat ik links af moet, de route pakt op. En dan…….dansen! Ruim 2 uur lang dansen mijn 2e en 3e versnelling een dans die niet normaal is. Bij elke bocht wisselen ze van gang. Dan weer 3, dan 2, op naar 3 en zo gaat het maar door. Mijn scherm deinst op de muziek van de bochten mee, ik moet denken aan Cuba. Op het plein in Santiago de Cuba waar een band muziek maakte liep een oud mannetje het terras op en vroeg aan een dame, “Salsa?” De vrouw accepteerde en wat ik zag was adembenemend. De man, zo oud als dat hij was had Salsa in elke vezel van zijn lijf. Zijn DNA was Salsa, hij was Salsa….. Iedereen was stil, hij bewoog bijna niet maar stuurde de dame meer dan perfect aan. Wat een schouwspel! 

Nee, ik ben nog lang geen perfecte bochtenvreter. Maar het ging zo lekker……totdat…..die bocht met grit, zand of wat het was. Ik schrok, remde hard en rechtuit. Net voor het greppeltje stond ik stil. Ai…..niet fijn. De volgende 5 of 10 minuten reed ik als een krant. Ik vloekte tegen mijzelf, “Kom op man, wat doe je toch?” 

Ik stopte, nam een paar slokken water en nam even een fotomoment. Een grote plas water, ach laten we hem daar eens midden in parkeren. Gewoon, grappig……

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ik reed door, dwars door Prades. Kleine smalle straatjes, gelukkig heb ik mijn koffers op de smalle stand. Maar Ben, eerlijk is eerlijk. Je verdient een standbeeld voor het maken van deze routes. Geweldig. Alle eer naar jou! De korte bochten wisselen af voor lange halen, lekker relaxed beetje achterover tegen de tas geleund knor ik door het bizar mooie grillige landschap. Het lijkt de Grand Canyon en Death Valley wel, alleen veel gevaarlijker vind ik. Al zal de werkelijkheid wel andersom zijn, ik geloof er even in. Ik wel.  

Bij Maella stop ik, het is bijna half 1 en ik moet eten en drinken. Ik zoek een plek langs de weg, knabbel en drink en neem weer een foto-momentje. Ik ben happy toch? Dus ik spring een gat in de lucht en heb het precies op foto! 

Weer een afslag, naar links….. Ik volg de aanwijzing van Nav en rij een paar kilometer door tot ineens de aanwijzing weg is. Huh? Waar is mijn paarse lijntje? Ik keer om, rij door een gehucht met 2 straten en onverharde wegen en zie dat ik een foutje in de route heb staan. Geen nood, terug naar de grote weg en weer door. 

Bliep, lampje aan op het dashboard en nog 82 km te gaan voor ik leeg sta. Geen zorgen, moet lukken. Ga over 200 meter links af hoor ik in mijn helm. Oké….en ik kom weer op een weggetje waar gaten de overhand hebben. Maar weer die dorre woeste omgeving. Ik wilde door de binnenlanden van Spanje rijden, ik krijg wat ik wenste….en meer. Hoe gaaf! Maar ehmmm nog 65 km, nog 55 km. Hmmm, nu ben ik geen angsthaas, maar in een gebied waar ik makkelijk 2 uur midden op de weg een tukkie kan doen vind ik het toch wel spannend. Bezin-stress zou iemand zeggen. Nog 2 bochten en ahhhhh een pompstation. Onbemand, dus kaart er in en tanken toch? Nou, ik krijg eerst een heel armada aan vragen en drukknop-opties op een scherm. IN HET SPAANS……. 5 min later kan ik eindelijk tanken. Nog een kleine 20 km en ik moet mijn volgende route op gaan starten. Ik rij al een tijdje wat flauw en denk, het mag wel weer wat spannender. Nog geen 2 km later rechtsaf, omhoog…. Ik rij achter een vrachtwagen met dikke lading. Hij haalt de 15km/h niet. Ik weet dat hij nu 1:1 of zelfs 2:1 rijdt. Ja, 2 liter per km. Ik jok niet. Ik kan hem voorbij en geef een dot gas. Hoppa, doei…..

Het is 3 uur, ik stop bij een rand met uitzicht op een meertje met helblauw water. Wauw, wat mooi en wat een uitzicht. Ik had mijn motor op de middenbok staan en normaal stap ik op en schommel hem van de bok af, maar ik sta op een helling en ik krijg hem niet met zijn wieltjes op de grond. Wat ik ook probeer…… Afstappen, zijpootje uit en voorzichtig naar voren en op de zijpoot laten steunen. Hij staat schuin, heel schuin. Snel opstappen en rechtop dat kreng. Ik maak een keuze, ik wil even richting de kust. Hier is het fris en bij Peñiscola niet. Uurtje sturen, 85 km. Mijn nav zegt dat ik rechtsaf moet en ik kom op een weggetje waar je u tegen zegt. De Gavia-pas maar dan 2 keer zou oud en smal. Plus grit op de weg. Ik hoor het onder mijn banden wegspatten. En met bochten en hellingen van 12% is dat niet fijn. Het worden lange vermoeiende maar mooie kilometers. Geen Salsa deze keer, zal het de Rumba zijn? Geen idee, nooit dansles gehad. Maar de versnellingen vechten weer om hun plekje. Nu komt de 1e er ook af en toe bij. Haakse bochten, afgronden en grit…….nee, niet fijn. Hel, maar wel een mooie hel. Laat mij daar maar branden dan.

Peñiscola is in zicht, ik zoek een camping en vind er al snel een. 5 km naar het zuiden ligt Camping Vizmar. Voor €9,- mag ik de nacht doorbrengen. Zonder zwembad, dat dan weer wel.

Geplaatst 20 april 

Nadat ik betaald heb bij de receptie en een onduidelijke mededeling in het Spaans mee krijg rij ik gistermiddag de camping op. Een mooi plekje vangt mijn blik en ik besluit daar kwartier te maken. Spanbanden los, tanktas open, jas uit, laarzen uit…… En daar komt de dame van de receptie, die in gelijke staat is met haar 0-sterren camping, al driftig aangefietst. Haar Spaans en mijn Spaans zijn duidelijk verschillend, want ik had het toch duidelijk niet goed begrepen…..denk ik. Hier mocht ik dus niet staan.  20 meter verderop? No problemo no problemo, señor! 

Goed, ga ik daar staan. De tent staat steeds sneller en binnen no time kan ik een welverdiend biertje opentrekken. Ik heb er nog 2 en zal de avond moeten aftappen met thee dus. Prima, net zo lekker. Ik was de plaatselijke buurtsuper voorbij gereden omdat ik mijzelf beloofd had een restaurantje te pakken. Inkopen doen we morgen dus wel. Ik maak een praatje met Willem en Jeane uit Alkmaar, ze zijn ook onderdeel van de grijze golf zoals Jeane het zelf noemt. Willem was al met zijn 63e klaar bij de Hoogovens in IJmuiden en nu trekken ze er samen op uit. In het voorjaar hier in deze contreien, en in de zomer naar Noorwegen of Zweden. Het is Jeane snel te warm, ze vind sneeuw en kou veel mooier. 

De boulevard van Peñiscola, steevast door mijn navigatie welke de intonatie van een slappe komkommer heeft als Penis Cola uitgesproken, is 10 minuten lopen. Tentje dicht, teenslippers aan en op pad. Het is 6 uur, honguuuurrrrr….

Restaurantje is zo gevonden, ik zit duidelijk buiten het centrum. “Hola, Señor….!” Ik bestel een biertje en vraag om de kaart. “Oehhhh, problemos problemos siñor…7 O’clock is food.” Ohja, ze eten hier wat later. Geen nood en 2 biertjes later krijg ik de kaart. We zitten in Spanje, dus dan bestel je een overheerlijke ehhhhh kebab. Hij smaakt, maar het beeld op de ietwat overbemeten TV minder. Een arena vol toeschouwers kijkt naar een stierengevecht.  Ik snap het niet, het is niet onze cultuur zoals een vriend gisteravond reageerde op een filmpje op FB, maar het zou die van hun ook niet moeten zijn reageerde mijn moeder daarop. Wat heeft de stier deze heren misdaan? Bizar….

Ik reken af en loop terug naar de camping. Het koelt snel af in de avond en broek en vest zijn snel gepakt. Ik schrijf nog wat en gooi wat foto’s online. Ik geniet van de reis, maar ook van het schrijven en delen wat nog eens versterkt wordt door de leuke reacties. Ik ben alleen op pad, maar zo voelt het totaal niet. Leuk. 

De avond valt, de grijze golf trekt naar binnen en de schotelantennes richten zich op omroep Max. Grappig, ik ben 50 en veruit de jongste gast hier….. De stilte en het mysterieuze licht van de schaarse verlichting vind ik mooi. Ik kijk naar niks, ik luister naar niks en ik kan er erg van genieten. 

“Morgen, wat zal ik doen….?”, vraag ik mij af. Ik lig dik voor op schema en had sowieso wel bedacht hier of daar een dag over te blijven. Even niks, lekker prutten en frutten bij de tent, even zwemmen in de zee en beetje boulevard-slenteren. Ik ga er een nachtje over slapen. Half 12 duik ik er in, morgen vroeg hak ik knopen.

Het bioritme, wat een ellendig iets….. Weer 5 uur wakker. Even het korte ritueel, weer de slaapzak in en tot kwart over 7 verder dommelen in mijn heerlijke warme slaapzak. Vandaag blijf ik staan. Pats! Geen km’s vreten, geen bochten knagen. 

Ohja, ontbijten. Maar ik had geen boodschappen gedaan, dus mijn koelkast is leeg. Hmmm, even slim zijn. Nonchalant loop ik langs Willem en Jeane en vraag of er ook een supermarkt op loopafstand is. “Nee, die is 5 km verderop,” antwoord Jeane. Ze vraagt waarom en na mijn antwoord staat er al snel een 3e bordje op tafel. Hoppa, geregeld en ik moet zelfs nee gaan zeggen omdat ik zoveel aangeboden krijg. Lieve mensen, leuk mee zitten praten en ook nog even uitgelegd hoe zijn actioncam-cam werkt die al 2 jaar in de camper ligt te liggen. Is dit nou een win-win situatie? Ik keur het goed. 

Buik vol, 2e kop thee is op en ik bedank ze voor hun gastvrijheid. Ik was er voor ‘gewaarschuwd’, als je alleen reist heb je snel contact. Het is een feit! 

Ik wilde zwemmen in de zee, dus rond 11 uur slenter ik richting het strand. Handdoek mee, kom maar op. Maar ja, ehmmmmm…….dat plan zet ik al snel uit mijn kop als ik met mijn grote teen de eerste golf betast. BRRRRRR! Mij te koud. Ik kom wel terug als het augustus of september is. Her en der liggen wat mensen op het strand en ik zie een beachwatch-toren staan. Leuk, daar klim ik even in. Steil de trap op en in gedachten was ik Mr. Hasselhoff himself….. Pamela, here I come!  Maar bovenin begon ik zwaar te twijfelen aan de bouwkundige staat van dit kreng. Hij wiebelde behoorlijk en ik merk dat ik met mijn 50e toch wat meer hoogtevrees heb verzameld dan mij lief is. Snel wat foto’s en snel naar beneden. Oeffffff. Vrolijk slenter ik door en na een uur of 2 vind ik het mooi. Terug naar de camping, ik loop langs een architectonisch hoogstandje waar Jan de Bouvrie zijn signatuur aan gegeven heeft en ga lekker de schaduw van een boom opzoeken en lezen. ‘Het aarden beest’ is een reisverhaal van Benno Graas die met een oude 1cylinder Enfield motor + aanhangertje samen met vrouwlief van zuid-Afrika terug reist naar Nederland. Mooi, wat hebben ze meegemaakt en waar begonnen ze aan met dat ouwe kreng met 27 pk op het achterwiel. 4-wheel-1-drive, je moet het maar willen. 

Net als ik druk ben met dit verslag te schrijven komt er een man aangelopen, emmertje in zijn hand en spreekt met luide stem……. “Hey, eenzame motorrijder….. Ik vond het altijd fijn als mensen mij een bierke aanboden wanneer ik met de motor een camping op reed. Nu hedde ik eenen camper en koud bierke. Wat denk gij der van?” 

Ik moet lachen, je bent nooit alleen als je alleen op reis bent. 2 blikjes bier verder bedank ik hem voor zijn proatje, het was een echte Brabander met dito tongval en een goud hartje.

Geplaatst 21 april 

Yo recorrer……

Net als dat ik mijn ochtendritueel heb, zo heeft mijn buurman die ook. Als hij om kwart over 7 uit zijn caravan strompelt en op het opstapje gaat zitten met een pak zware shag, produceert hij uit ongeveer elke opening van zijn lichaam wel een geluid. En dat hij ongegeneerd even de zaak zit te krabben laat ik dan maar gemakshalve achterwege….. 

Vandaag ga ik inpakken en verder trekken. Het is mooi geweest in Peñiscola. Mijn ochtendritueel is wat gedecideerder, tentje inpakken, koffers aan de motor en afscheid nemen van Willem en Jeane en nog even voor de extra nacht betalen. Ik knor richting de supermarkt en haal water en broodjes. Veel water. Vandaag weer het binnenland in en ik wil van alles ontberen, maar geen water. Ook ik kijk regelmatig survival-programma’s op tv en les 1 is altijd zorgen dat je niet uitdroogt. Nu zal het niet gebeuren, maar stel dat er iets gebeurd ergens daar op dat landweggetje waar eens in de 3 dagen een auto rijdt en het is 4 uur lopen naar de beschaving. Just in case…..

Ik wil eerst een stuk afzakken langs de kust en als het kan via Parc Natural de la Serra d’Irta richting Torreblanca. Er loopt een weg volgens Google, dus hop…we gaan. Vlak voor het parc staat een bord met volgens mij een verbod op quads. Ik ben geen quad, dus het zou moeten kunnen, ook al is de weg onverhard. Maar een snelle blik op mijn brandstofmeter en een kleine calculatie uit het blote bolletje doen mij besluiten terug te keren en eerst een pomp op te zoeken. Ik kom op de terugweg een aantal motoren tegen en die zullen vast denken, “wat een angsthaas voor een beetje onverhard.” Ze mogen denken. Bij de pomp staat een agent en ik vraag in vloeibaar Nederlands of de weg ook voor motoren open is. “No señor…..no!” Oké, via de grote weg dus maar. Jammer. Ik rij tot Santa Magdalena de Polpis over de N-340 en sla de binnenlanden weer in. Goed wegdek, slecht wegdek, alles komt weer voorbij. De gaten worden groter en vorstschade is duidelijk het grote probleem. Maar dat uitzicht, die stijging, het klimmen, de bochten……. Mijn motor knort van plezier en ik doe mee. Ik klim hoger en in het dal ligt een dorpje vredig te liggen. Ik maak een foto van het wegdek, al is dit nog in redelijke staat in vergelijk tot andere plekken. Brokken steen spatten onder mijn banden weg en ik kan soms niet anders dan in 1e verzet en hoge giering naar boven kruipen door de soms onmogelijke bochten. Big Red doet wat hij moet doen, mij blij maken. Godver, wat geniet ik……de power als je aan die handel draait, de brom, de duw onder je kont……….ik ga omhoog en natuurlijk ook weer omlaag. Hoog in toeren zak ik af afremmend op de decompressie. De uitlaat ploft zo nu en dan, lekker geluidje denk ik nog. Maar het schiet niet op. Mijn route zou na een uur weer bereikt moeten zijn, maar om 9 uur vertrekken en nu bijna 11 uur is ongeveer een verdubbeling van de tijd. Maar how cares……. Als je hier de toegestane snelheid wilt rijden, dan moeten je voornamen nominaal met J-P beginnen ofzo. Het landschap is ruw, wordt steeds grijzer, asgrauw en dor. Tegen het desolate aan, maar ik vind het gaaf. Ik rij weer in mijn eigen Death-Valley. 

Bij Cantavieja ga ik mijzelf op lunch trakteren. Ik stop, zet de motor in het zicht en neem een cola en iets met ei, ham en brood. Wij zullen dat vast een uitsmijter noemen. De cola is er sneller dan het uitsmijtertje, maar dat is niet vreemd. Maar ehmmmmm uitsmijter is uiteindelijk niet de juiste benaming voor wat ik krijg. Niet dat het niet smaakt, maar het ziet er ff anders uit. Er zit een stel en er staat een lange wandelstok. “Camino?”, vraag ik. “Si, si…..”, antwoord de vrouw. Een kort gesprek met handen, voeten en Google volgt. Hij had ook wel eens op een 1200GS gereden. Hij keek vol ontzag naar mij toen ik wegreed. 

Het landschap blijft dor, het koelt af en dat is niet zo gek. Ongemerkt klim ik aardig omhoog. Een blik op mijn hoogtemeter in mijn horloge verraad dat ik al op 1100 meter zit. Brrrr, het wordt zelfs fris. Maar het is te doen. De klittenbandjes van de mouwen wat strakker en de armen trekken het wel weer. We klimmen door, Big Red en ik……en dan zie ik een bord staan met 1507m. Holy f….. We gaan echt hoog. Maar dat geeft al snel een leuke verrassing in de vorm van sneeuw. Ik zie in de verte groet witte plakken liggen langs de weg. Huh, het is echt sneeuw…. Motor aan de kant, camera pakken en een duik in de sneeuw na een snelle controle of er geen yellow-snow te bekennen is. Als je het niet moet eten, dan is erin gaan liggen ook vast geen optie. Ik heb even sneeuw pret, leg  een dot op mijn kop en maak een foto. Maar voor ik er erg in heb glijdt het smeltende hoopje PLOEP regelrecht via mijn achterhoofd mijn nek in, in mijn kraag en al snel voel ik de koude druppels over mijn rug lopen. BRRRRRR! Kut, dat is koud. 

Nou heb ik op zich een goed zadel, een Corbin, lekker breed en hard. Goed te doen, maar toch blijft het soms een uitdaging. Een mooie optie is een schaapsvelletje, en eye eye, ik spot 37475746 schapen op een weilandje samen met een herder. Hmmmmm, nu kan ik een schaap op mijn zadel leggen, maar dan kon ik en met mijn voetjes niet meer bij de grond en waarschijnlijk ook in conflict met de vrolijke herder. Ik laat het bij wat foto’s maken. Er volgen wat korte haarspeldbochten en langzaam wordt het land weer roder en groener. Het desolate krijgt weer wat kleur. En wat voor kleur….. Terracotta is er niks bij. En ik ga Spanje ‘laagjesland’ noemen. Overal waar ik kijk zie ik de opbouw in lagen. Tuurlijk, zal bij ons ook zo zijn maar daar zie je het niet, in pannenkoekenland. Ik draai een lange bocht naar links en mijn oog valt op een gigantische rotsformatie. Moooooooiiiiiiii……. Ik stop op de weg, alarmlichten aan en ik heb een geel vestje aan. Ze zien mij vast als er überhaupt iemand aankomt. De mooiste agente van Rotterdam en omstreken heeft mij ooit verteld dat gezien worden de 1e stap is naar veilig rijden.  Ik rij al zowat de hele dag alleen, dus ik maak me geen zorgen nu. De foto is gemaakt en snel spurt ik verder. Het blijft koel, niet koud maar frisser dan aan de kust. Vanavond denk ik dat ik een extra laagje aantrek in mijn slaapzak. Niet sexy, wel lekker……

Naar mate de reis vordert merk ik dat ik steeds makkelijker word. Ik let niet meer op de tijd en als het bijna half 5 is ga ik maar eens kijken voor een camping. 1 ligt 50 km naar het NW en geen idee waarom maar ik bel hem eerst op. Ik denk waarschijnlijk te begrijpen dat ze nog dicht zijn. Alternatief is een camping in Titaguas. Ik rij het dorp binnen en vraag aan een vrouw waar de camping is. Ze mompelt wat en ik snap er geen flikker van. Ze merkt dat en vraagt ineens alleen om sigaretten. Tja, zit je lekker fout bij mij. Maar dat weet zij natuurlijk niet. Als ik duidelijk maak geen peuken te hebben loopt ze vloekend weg. Ik lach mij een bult. Hilarisch.

Verderop staan 3 mensen op de stoep een hek te schilderen en ik vraag wederom of ze Engels habelen en gelukkig spreekt de vrouw goed Engels. Ze laat op haar mobiel een camping zien en de man zegt in vloeibaar Engels “Ai laike jor baik, señor!” “Me too!”, zeg ik en ze lachen. Ik bedank ze en rij met een korte toeter weg. Nog 10km volgens maps.

De camping is snel gevonden, hij is open en er is plek voor mij. 

Nou was de camping is Peñiscola al geen weelde, dit is de overtreffende trap. Maar ik hou er van, ik heb niks nodig. Niet meer dan een stukje grond waar ik wat haring in kan meppen. De tent staat, de brander brand om water te koken en ik heb de keuze uit 3 smaken noodles. Ik flikker ze alle 3 in 1 pan en eet in gedachten het heerlijkste 3 gangen gerecht in jaren…….

Ik zwerf!

Geplaatst 22 april

Ik word wakker op de meest trieste camping so far and by far….. Erger dan dit zal het niet worden deze reis. Maar hey, ik heb geslapen en ik heb een lekker appeltje als ontbijt bij gebrek aan beter en natuurlijk een kopje oplosmeuk wat koffie moet heten volgens de fabrikant. Ik ben er achter, je moet niet verwachten dat ik binnen 30 minuten gepakt en op weg ben. Alles gaat ‘silenciosamente’…..rustig aan. Vakantie hoor!!!!

Maar desalniettemin, ik rij om 9 uur weg en zwaai nog even naar de goedlachse portier-wcboy-kelner-manusjevanalles…… Adios en ehmmmm tot nou uhhhhh nooit meer. 

2 bochten verder pakt de route weer op, ik zat hemelsbreed 800m uit koers. Mooi…. 

Bij Tuejár ga ik rechts de CV-390 op en de eerste voorzichtige bochten dienen zich aan. De banden zijn nog niet warm, dus kalmpies aan. BAM, na een paar kilometer een uitzicht van godsammetjongetjonge……. Stoppen langs de kant en foto maken. Er zijn 3 motorrijders die mij passeren en alle 3 vragen ze, “Bueno?” Ik maak het gebaar van foto maken en ze steken hun duim op. Ik stap ook weer op en na 2 bochten flikker ik weer ongeveer van mijn zadel af. Het uitzicht van net verbleekt bij dit uitzicht hier. Weer stoppen, handschoenen uit, tanktas open etc etc…… De camera ligt ongeveer grijpgereed. Gloeiende gloeiende……. Ik ga verliefd worden op deze woestenij. Het is een stuwmeer waar ik op uitkijk en ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat ik daar straks overheen ga knorren. Nou, 2 x raden…….. Weer foto’s maken en ineens zie ik de 3 mannen van daarnet achter een gebouw van een parkeerplaats aflopen, helm in een hand en andere hand al uitgestoken om mij een hand te geven. “Hola amigo, where are you going?, vraagt er een. Ik antwoord en ze vragen honderd uit. Ik geef negenennegentig antwoord, tenslotte nooit het achterste van je tong laten zien. Ze vinden het leuk, schouderklopjes zijn niet te tellen en aan het eind natuurlijk op de foto voor Ollandaaaaaaaa! Ze lopen verder, ik rij verder. Tja, bochten….veel bochten….alweerrrrr. Klimmen, dalen, naar links en naar rechts klappen. Bij veel bochten denk ik aan J-P, aan zijn tips and tricks. Veel van hem geleerd in 3 dagen training in de Eifel, en het komt nu zo vreselijk van pas. Maar ik weet zeker, ergens dit jaar een vervolg of herhaling. Ik merk dat ik in bochten naar links veel te veel de middenlijn opzoek. Niet goed, mag hij er uit beuken. De middag nadert en ik merk dat alleen een appel een een cup-a-soup in de ochtend niet echt een vullend ontbijt is. Wel creatief misschien, maar daar houdt het dan ook wel mee op.

Het is precies 12:12 als mijn teller op 101010 KM staat. De ton had ik gemist, deze gelukkig niet.

Spanje, een behoorlijk katholiek land waar zondag nog rust heerst. Zeker in de binnenlanden. Volgens Google is er 13 km verderop een winkel open tot 2 uur. Dat moet lukken. FlopFlop, gas er op en ik verlaat mijn route voor de zoveelste keer. Maar ik zwerf en ik geniet er met volle teugen van. Het is rond 1en als ik het dorpje Jarafuel binnen rij en even de weg kwijt raak. Een oudere dame spreek ik aan en ze snapt mij wel maar begrijpt mij niet. Haar Spaans is ook niet meer wat het geweest is denk ik dan…… Er komen meer mensen bij en al snel zijn 5 of 6 mensen druk in discussie over mijn vrij simpele vraag…… “Señora, supermarkt?” Gelukkig is er een man die vloeiend Engelands spreekt. Hij vraagt wat ik zoek en zegt al snel, “Follow me, amigo!” Ik draai om en nog geen minuut later sta ik in een winkel waar de tijd stil gestaan heeft. Niet alleen de tijd, maar ze is nou eenmaal geen 21 meer. Een stokbrood, 4 dikke plakken ham en 1,5 l water……. €2,35! Ik vind het mooi. Tegenover het winkeltje is een pleintje, ik neem plaats en scheur mijn stokbrood in stukken en frot er een stuk ham tussen. Van die lekkere natte dikke plakken op vers stokbrood, boter is echt niet nodig! Aan een man tegenover mij vraag ik of hij een foto wilt maken, maar uiteindelijk is een foto met zelfontspanner nog kansrijker dan zijn poging. Ik bedank hem, steek mijn duim op en denk……..soepkip! Een muurtje, camera er op en met de mobiel klik een paar foto’s. Hoppa, klaar. Het stokbrood glijdt er in als zoete koek en het voornemen wat voor morgen te bewaren bij het ontbijt sneuvelt al snel. 

Het landschap is vlak, bijna saai vlak……dor! Maar toch, het is mijn Death-Valley. 

Ik ben mij bewust dat we onze planeet niet eindeloos kunnen leegtrekken en dat we voor energie een andere bron moeten vinden. Maar horizonvervuiling in MIJN Death-Valley…… Dit gaat te ver. Overal waar ik kijk staan windmolens, niet 10 of 20 maar gewoon 50-60 of misschien wel 70. Bah…….hoe begrijpelijk ook!

Tijd voor een foto-momentje. Behendig stuur ik mijn motor de berm in, en parkeer hem bij wat olijfbomen. Grappig….. Klik, klik en klaar. Maar ik nog niet. Ik moet nodig en ben blij dat ik een rol wc-papier bij me heb. Hey, we moeten allemaal wel eens he!

Omslachtig loop ik een stukje verder en doe wat ik moet doen. Net op dat moment komt er een auto langs en hij toetert. Mag je doen, maar als jullie de horizon van MIJN Death-Valley vervuilen, dan heeft dat een prijs natuurlijk. 

Opgelucht stap ik weer op en moet een behoorlijke rand oprijden om weer op de weg te komen. Ik geef gas, schiet er overheen en kan net aan mijn balans houden. Oei, ging net goed. Grijs wordt groen en bochten blijven komen en gaan. Het landschap veranderd steeds van kleur en structuur. Groen wordt Terracotta, heel erg terracotta. Wat mooi mooi mooi!

“Niets is zo therapeutisch als praten in jezelf,” zei Mirjam mij ooit. En het is waar, ik heb vandaag een heel gesprek met mijzelf in mijn helm. Niemand hoort mij, niemand stoort mij. Het is een moment om wat zaken op een rij te zetten. Zaken die mij de afgelopen maanden bezig gehouden hebben. Verdriet, liefde, ergernis, onbegrip….. Het zijn geen leuke momenten geweest, maar ik moet er mee dealen. En ik kan nu hardop in gesprek met mijzelf zijn. Poeh, wat is dit heftig maar ophelderend. Een traantje kan ik niet tegenhouden. En ik weet zeker, ik ben niet de enige die dit doet. Puzzelstukjes zullen de komende tijd op hun plek vallen, niet in 1 keer, maar dat hoeft ook niet. Tijd heelt alle wonden! Was dit misschien stiekem het doel van deze reis? Ik weet het antwoord wel…..

Er staan langs de kant van de weg veel bouwvallige krotjes en krotten. Maar mijn oog valt op een zwembad tot de rand gevuld en een aardig ingestort gebouw. Stoppen, foto’s maken en dan vraag ik mij af….. “Wie heeft hier als kind vakantie gevierd, welke ouders lagen in de zon te genieten van alles wat Spanje te bieden heeft? Wie dronk hier Sangria, snoepte van olijven en hadden misschien ook uitzicht op een wonderschone vrouw met krullen en ogen zo groot als kralen?” Zucht………

“Hoe oud zullen die kinderen nu zijn die in het kleine ovale pierebadje hun eerste plonsjes maakten?” Ik probeer een beeld te krijgen van het tafereel wat hier vele jaren terug afspeelde. Er stond een bord dat zwemmen in het bad niet meer toegestaan was. Leek mij gezien de kleur van het water ook geen uitnodigend idee. 

De CV-590 gaat verder en ik volg hem gedwee. Maar niet zonder tegenstand, de weg blijft mij bekoren. Zeker als ik ineens midden tussen de sinaasappelbomen rij. Grappig, zal ik ze kunnen eten al? Misschien wel, maar een hek voorkomt mijn snode plannen. Rond half 4 ga ik op zoek naar een camping. Nog een uurtje rijden tot de kust, dus even Google raadplegen. Xeraco, 65 km verderop. Nog even een een laatste gunst van moeder natuur met een flinke reeks bochten. Het asfalt is mooi strak, spiksplinterhagelnieuw zelfs. Mijn banden plakken als een dolle en als een speer ga ik richting het oosten. Mijn tenen gaan over de grond, ik denk niet dat ik mijn banden alleen op het middendeel verslijt deze rit. Hatseflats…….. Ik glim van oor tot oor. Wat ben ik blij met deze Pirelli’s….. Minder blij ben ik met mijn Sena headset, de accu is drama. Nog geen dag redt hij het. Ik baal hier van. De winkel is al op de hoogte, ik wil een andere set. Dit pik ik niet, niet voor dat geld…….sorry! Ik hoor mijn navigatie niet en ik heb soms gewoon zin in de PaschaVanHattem-discoshow in mijn helm. Pascha is een vriend en wereldberoemd DJ in Zaanstad en omstreken. Hij heeft vorig jaar een kluwe muziek samengesteld en die staat op mijn mobiel, zodat ik hem via de blauwe tandjes kan afspelen. Maar helaas dus……

De camping is vlak aan zee, snel gevonden en na wat geneuzel over paspoort afgeven heb ik voor €12,- een plek incl het grootste zwembad wat ik mij maar kan wensen. Morgenochtend duik ik even de zee in, hoe koud ook…………

Geplaatst 23 april

Ik zei met mijn grote mond dat ik ‘s morgens een duik zou nemen in de Middellandse zee als ik wakker werd. Tenslotte had ik het grootste zwembad wat ik mij kon wensen naast de camping op nog geen 30 meter afstand. Nou, ik heb natuurlijk KUCH woord gehouden, alleen zijn helaas de foto’s mislukt. Heel vreemd……

De ochtend verloopt weer als alle andere ochtenden. Oploskoffie, stuk stokbrood en een appel. Gelukkig is alles droog, dus de tent kan plop zo de zak in. Het grondzeil even uitkloppen en ook in zijn zakkie. Het biertje van de avond ervoor nog even afrekenen en ik kan gaan. Vandaag is mijn einddoel La Marina, vlak bij Alicante. Dat was mijn reisdoel, op visite bij Sanne en Peter. Even op de borrel, en daar rij je gewoon in 3 weken tijd een dikke 6500 km voor als het niet meer wordt. Voor ik Xeraco verlaat stop ik nog even bij de superdepupermarkt en haal een stokbrood en 3 plakken Serano-ham. Heerlijk, vers gesneden in een papiertje opgerold en in een plastic zakkie. Dat kennen wij bij de Aldi of de AH niet meer. Voorverpakt en verder niet zeuren. Een oud vrouwtje spreekt mij aan en ik maak duidelijk dat ik geen Spaans spreek. Ze heeft er geen boodschap aan en blijft door kleppen. Ik kijk haar aan, haal mijn schouders op en zeg “No comprende!” Nog steeds komt de boodschap niet binnen. Haat Spaans is dus ook duidelijk aan vervanging toe denk ik bij mezelf. Voor ik het dorp uit ben maak ik eerst een tour langs kleine kanaaltjes met betonnen wallen. Hmmm, als ik hier in rij is het einde vakantie. Geen rand, drempel, vangrail of wat dan ook. Er zitten wat mannen te vissen, ik vraag me af of ze wat gevangen hebben. Het lijkt mij geen natuurlijke habitat, zo’n betonnen kanaal. Links zie ik bergen, rechts nog de zee. Grappig, best of both denk ik. De wijdsheid van de zee tegen de beperkingen van de bergen. Maar ergens daar tussen die bergen ligt mijn weg naar de kronkels. Het duurt niet lang of ze zijn er weer. Via een klein weggetje kom ik bij een klein dorpje uit en na het dorpje gaan we de hoogte in. Zo’n dorp waar je met je ogen niet moet knipperen, anders ben er er door en heb je niks gezien. Letterlijk 100 meter afstand tussen de borden die de grenzen aangeven. Hij gaat fijn, we raken weer in kadanz.

 Bij Albaida wordt ik rechtsaf gestuurd en kom op een pad, dat pad wordt een ehmmmm stuk onverhard iets wat op pad moet lijken en na 50 meter kom ik op een betonnen steeg tussen wat velden met kleine olijfstruiken en hoge kanten. Hmmmm, de navigatie maakt er wel een feestje van vandaag. Eerst gooit ie alle wegnummer door elkaar. De CV-340 noemt ie steevast CV-45 en dan stuurt hij mij ook nog eens langs gekke paadjes. Ach, ik vind het wel leuk eigenlijk. Het pad is niet lang, hooguit 400 meter, maar gaat op het eind steil naar beneden. Ik denk dat 20% niet overdreven is. Langzaam laat ik de motor op de voorrem stapvoets naar beneden rollen en na netjes links en rechts kijken gooi ik hem kort in de bocht naar rechts. Best leuk, zwerven…….

Het middaguur nadert en eigenlijk heb ik wel trek in dat stokbrood met serano-ham. Mijn oog valt op een open kapelletje, en dus met piepende bandjes zet ik hem stil op het losse steen langs de weg. Stokbrood in 3 stukken hakken, plakken ham ertussen en lekker genieten van het uitzicht. Rechts een saai dal, links een dorp wat tegen de berg uitgesmeerd lijkt alsof een stukadoor zijn meesterwerk heeft volbracht. Het is tijd voor wat foto’s, en ik vind het wel weer eens tijd voor wat foto’s waar ik zelf ook op sta. Binnen no time ben ik mijn eigen top-model met de allure van een kikkererwt. Ach, leuk voor Joep. Heeft ie ook een knappe foto van het baasje. Waar zal Joep uithangen nu? Liggend op zijn kussen? Jagend in de tuin achter muizen aan? De buurvrouw verzorgt hem goed, ik heb geen zorgen om mijn hangbuik-kat. 

De foto-sessie is over en weldra zit ik weer in het zadel. Hier en daar probeert de zon door te breken, maar vandaag wil het niet echt lukken. Soms zijn er plekken die oplichten door een gat in de bewolking, maar verder gaat het niet. De bochten zijn er wel, maar spectaculair zijn ze vandaag ook niet. Tja, het leven is niet altijd een appeltaartje.

Als ik langs Ontinyent rij over de CV-81 valt mijn oog op een zwembad. Maar niet een heel fris zwembad. Ik draai bij de volgende rotonde om en wil kijken of ik echt zag wat ik zag. Een man staat de filterputjes uit te spuiten, maar als ik dat bad zie is er meer nodig van filterputjes uitspuiten. Volgooien met beton en een parkeerplaats er van maken lijkt mij een redelijk en plausibel alternatief. Maar dat zal mijn Hollandse nuchterheid zijn. 

Sanne gaf aan bij de pizzeria in Elx/La Marina te willen afspreken. “That is okay, you bringa the money, I bringa the stuff for you!”, dacht ik in onvervalst Mafia-Italiaans. Vandaag gaat geen lange rit worden. Hoe mooi het land ook is, mijn mindset is vandaag toch wel een beetje gericht op mijn logeeradres. En om dan om 6 uur aan te komen kakken vind ik ook weer zo wat. Maar het is nog niet zo ver. Ik kan nog steeds erg genieten van het landschap. Waar ik ook kijk, ik ontdek er nog steeds de schoonheid in. Ik vind Spanje, mijn laagjesland met mijn eigen Death-Valley een geweldig mooi land. Hoe verder je van de kust af bent, hoe vriendelijker de mensen. Volgens mij heeft dat zeker met toerisme te maken, die maken er vast een puinhoop van met al hun zuip en hoeresnoeren-vakantie gedrag. En daar wordt je als local niet vrolijk van. Om half 2 zet ik koers richting Alicante, we gaan de N-332 op nadat ik nog even een laatste toegift kreeg in de vorm van bochten, stijgen, dalen en uitzichten. En dan zie je de bakermat van het toerisme in Spanje langzaam verschijnen. Benidorm, het ooit zo mooie dorpje wat veranderd is in een volgeprakt stuk Spanje met wolkenkrabbers van minimaal 50 verdiepingen. Het is bizar, ik wijf 3 x in mijn ogen. Ik knipper…. Maar het beeld blijft. Hier wil je toch geen vakantie vieren lijkt mij? Volgepropte appartementencomplexen waar mensen als kuddedieren met gekleurde plastic armbandjes om hun pols in de rij staan voor te dringen om net dat laatste stuk zwartgeblakerde vlees van de schaal te grissen….. Ik denk aan mijn 1-pits brandertje en mijn kleine tentje. Wat ben ik een gelukkig mens. “Bastards, have fun…..but don’t count me in!”

Dan zie ik ze weer, de zoutmeren. Daarachter bergen zout en hier een daar flinke groepen flamingo’s. Het is duidelijk een streekproduct. Net als de rotonde-meisjes overigens, in het binnenland zie je ze niet, maar hoe dichter bij de kust hoe vaker je ze ziet. Betaalde seks is streekgebonden denk ik maar. 

Tussen Alicante en La Marina kom ik bij een rotonde met een aftak naar het strand. “Ik heb wel even 5 min de tijd,” denk ik en stuur mijn grote rode vriend het strand op. De zoute lucht van zeewier komt onder mijn helm door en vult weer mijn neusgaten. Lekker, ik blijf die geur een sfeer geven van ehmmmmm zeewier. 

Ik stap af, geef mijn vriend een klopje op zijn plastic tank-kap en zeg dat we er bijna zijn. 

Na een foto is het mooi, we rijden de laatste kilometers en komen aan bij Pizza San Francisco. Sanne zit al te wachten, maakt een foto als ik aan kom lopen en begroet mij met een dikke knuffel.

“Coke?”, vraagt ze? “Lekker, met ijs graag!”

Geplaatst 25 april

De cola smaakt mij goed na een dag in de zon en motorpakkie aan. Het is een vrolijk weerzien, bijna 2 jaar terug dat ik de hele familie zag in Landsmeer tijdens het 50 jarig huwelijksfeest van Peter zijn ouders. 

Ik rij achter Sanne aan als de cola zowat verdampt is, en ze waarschuwt mij nog voor het weggetje. Ach, zolang GS nog steeds voor Gelande und Strasse staat voorzie ik geen problemen. Sanne rijd wat onzeker over de steentje en langs gaten en geulen, ik ga staan en geniet van dit soort kleine cadeautjes. Ze wonen aan het eind, er is geen vervolg van de wereld hier. Wolf, hun jonge herdershond wil mij eerst nog met huid en motorpak verslinden, maar als vrouwtje zegt dat het goed volk is zijn we al snel dikke maatjes, afgaand op het hele arsenaal speelgoed wat voor mijn voeten geworpen wordt. Wat zal hier rust heersen als iedereen slaapt, de auto’s niet meer over de Autovia rijden en de honden moe zijn van het blaffen. 

Ik pak een douche, breng mijn tas naar de gastenkamer en ik voel mij binnen luttele seconden weer thuis. Het is fijn hier…… De avond valt nadat we heerlijk gegeten hebben bij de ouders van Peter. De rust, hij is er……. Hoe metropolitisch ik ook ben, dit is geen straf. 

Het is dinsdag en mijn ochtendritueel is anders maar niet minder leuk. Vandaag geen tentje afbreken, kamp opbreken, verplicht luisteren naar buurmannen die vreemde geluiden produceren en wat al niet meer. Deze morgen brengt mij lekker koffie op het terras, een geroosterd broodje en een waterig zonnetje wat door de wolken over de horizon heen probeert te gluren. Het zal niet lang duren voordat ik de lange broek weer kan wisselen voor de korte broek. Ik frut wat op mijn mobiel en wens Peter een fijne werkdag toe. Niet iedereen heeft zo’n luizenleventje als ik tenslotte, al is het maar voor 3 weken. Maar voor nu, verschil mag er zijn. “Ik zal goed op huis en vrouw passen!”, roep ik hem na als hij over het stoffige weggetje richting stad rijdt. 

“Je hebt woensdag een afspraak,” zegt Sanne. Verbaasd kijk ik haar aan en ze legt uit dat Tine mij graag wilde ontmoeten. Tine heeft via haar mijn verhaal opgepakt op Facebook en wilde graag ‘die motorrijder die zo leuk pakkend schrijft’ ontmoeten. Ik vind het grappig en leuk, meer dan. Wildvreemde mensen, zelfs een man uit Den Haag drukt zo nu en dan op de like-knop. 

Mijn kont doet pijn, ja sorry hoor…….hoe kan ik het anders omschrijven! Ondanks mijn Corbin-zadel is het na een volle week in het zadel toch best een eentje zeuren aan het eind van de dag. Toch maar op zoek naar een schapenvachie, als ik het maar bij de Ikea. 

Nadat ik een filmpje gemaakt heb gaat het motorpak aan, Wolf in de kennel en het het hek kan open. Konijntjes en Wolf, het is geen vruchtbare combinatie. Ik moet richting Murcia, maar neem een omweg. Vandaag geen bergen en kleine haarspeldbochten maar lekker relaxed door het landschap touren. Her en der zie ik weer dames op plastic tuinstoeltjes de rotondes in de gaten houden, het geeft mij een veilig gevoel. Een Belgische vriend dacht dat het Spaanse praatpalen waren, maar daar moet je ook echt weer Belg voor zijn geloof ik…. De temperaturen worden ondertussen aardig Spaans, maar is dat gek als je in Spanje rijdt? Ik zet koers naar de Ikea, de korte route lijkt jij het beste. Voor ik het weet smelt ik weg in mijn veilige maar bloedhete pak. Ik ben de enige in heel de omtrek die zo stom is om een pak aan te doen. Al vind ik stom in dit geval een relatief begrip. Een souvenir meenemen in de vorm van grit in je reet, heup of schouders vind ik geen prettig vooruitzicht. De Ikea in, snel een schaap slachten, villen en weer de rijwind opzoeken. Zelfs in de Ikea is het warm…… Wat wel prettig is, als je de weg weet in de vestiging Amsterdam ZO dan weet je ook waar alles staat in vestiging Murcia. Even waan ik mij in Zuid-Oost, al halen de temperaturen mij al snel weer uit die waan. Het loopt in stralen over mij rug. De vacht is snel gevonden, ik neem nog wat bestek mee voor Sanne en op naar de kassa. Ehmmmmm, wat is kassa eigenlijk in het Spaans? Caja gok ik zo maar als ik de borden mag geloven. Het schaap gaat onder de snelbinders en weldra rij ik terug richting mijn gastvrouw die blij is met haar nieuwe bestek. De verrekening vind plaats in de vorm van een knuffel. De middag breng ik door met het pas maken van mijn vachtje voor het zadel. Het is een klus, maar het lukt. Hmmmmm, wel dik en hoog. Ik hoop dat ik met mijn pootjes nog bij de grond kom. Bij elk stoplicht omflikkeren staat niet professioneel tenslotte. We gaan het zien, als het niks is kan ik binnen no-time het er weer afhalen, iets wat meestal sneller gaat als er op zetten. De avond valt, Peter maakt een heerlijke tapas klaar en het leven voelt goed! “Que aproveche!” Eet smakelijk!

Geplaatst 25 april

De cola smaakt mij goed na een dag in de zon en motorpakkie aan. Het is een vrolijk weerzien, bijna 2 jaar terug dat ik de hele familie zag in Landsmeer tijdens het 50 jarig huwelijksfeest van Peter zijn ouders. 

Ik rij achter Sanne aan als de cola zowat verdampt is, en ze waarschuwt mij nog voor het weggetje. Ach, zolang GS nog steeds voor Gelande und Strasse staat voorzie ik geen problemen. Sanne rijd wat onzeker over de steentje en langs gaten en geulen, ik ga staan en geniet van dit soort kleine cadeautjes. Ze wonen aan het eind, er is geen vervolg van de wereld hier. Wolf, hun jonge herdershond wil mij eerst nog met huid en motorpak verslinden, maar als vrouwtje zegt dat het goed volk is zijn we al snel dikke maatjes, afgaand op het hele arsenaal speelgoed wat voor mijn voeten geworpen wordt. Wat zal hier rust heersen als iedereen slaapt, de auto’s niet meer over de Autovia rijden en de honden moe zijn van het blaffen. 

Ik pak een douche, breng mijn tas naar de gastenkamer en ik voel mij binnen luttele seconden weer thuis. Het is fijn hier…… De avond valt nadat we heerlijk gegeten hebben bij de ouders van Peter. De rust, hij is er……. Hoe metropolitisch ik ook ben, dit is geen straf. 

Het is dinsdag en mijn ochtendritueel is anders maar niet minder leuk. Vandaag geen tentje afbreken, kamp opbreken, verplicht luisteren naar buurmannen die vreemde geluiden produceren en wat al niet meer. Deze morgen brengt mij lekker koffie op het terras, een geroosterd broodje en een waterig zonnetje wat door de wolken over de horizon heen probeert te gluren. Het zal niet lang duren voordat ik de lange broek weer kan wisselen voor de korte broek. Ik frut wat op mijn mobiel en wens Peter een fijne werkdag toe. Niet iedereen heeft zo’n luizenleventje als ik tenslotte, al is het maar voor 3 weken. Maar voor nu, verschil mag er zijn. “Ik zal goed op huis en vrouw passen!”, roep ik hem na als hij over het stoffige weggetje richting stad rijdt. 

“Je hebt woensdag een afspraak,” zegt Sanne. Verbaasd kijk ik haar aan en ze legt uit dat Tine mij graag wilde ontmoeten. Tine heeft via haar mijn verhaal opgepakt op Facebook en wilde graag ‘die motorrijder die zo leuk pakkend schrijft’ ontmoeten. Ik vind het grappig en leuk, meer dan. Wildvreemde mensen, zelfs een man uit Den Haag drukt zo nu en dan op de like-knop. 

Mijn kont doet pijn, ja sorry hoor…….hoe kan ik het anders omschrijven! Ondanks mijn Corbin-zadel is het na een volle week in het zadel toch best een eentje zeuren aan het eind van de dag. Toch maar op zoek naar een schapenvachie, als ik het maar bij de Ikea. 

Nadat ik een filmpje gemaakt heb gaat het motorpak aan, Wolf in de kennel en het het hek kan open. Konijntjes en Wolf, het is geen vruchtbare combinatie. Ik moet richting Murcia, maar neem een omweg. Vandaag geen bergen en kleine haarspeldbochten maar lekker relaxed door het landschap touren. Her en der zie ik weer dames op plastic tuinstoeltjes de rotondes in de gaten houden, het geeft mij een veilig gevoel. Een Belgische vriend dacht dat het Spaanse praatpalen waren, maar daar moet je ook echt weer Belg voor zijn geloof ik…. De temperaturen worden ondertussen aardig Spaans, maar is dat gek als je in Spanje rijdt? Ik zet koers naar de Ikea, de korte route lijkt jij het beste. Voor ik het weet smelt ik weg in mijn veilige maar bloedhete pak. Ik ben de enige in heel de omtrek die zo stom is om een pak aan te doen. Al vind ik stom in dit geval een relatief begrip. Een souvenir meenemen in de vorm van grit in je reet, heup of schouders vind ik geen prettig vooruitzicht. De Ikea in, snel een schaap slachten, villen en weer de rijwind opzoeken. Zelfs in de Ikea is het warm…… Wat wel prettig is, als je de weg weet in de vestiging Amsterdam ZO dan weet je ook waar alles staat in vestiging Murcia. Even waan ik mij in Zuid-Oost, al halen de temperaturen mij al snel weer uit die waan. Het loopt in stralen over mij rug. De vacht is snel gevonden, ik neem nog wat bestek mee voor Sanne en op naar de kassa. Ehmmmmm, wat is kassa eigenlijk in het Spaans? Caja gok ik zo maar als ik de borden mag geloven. Het schaap gaat onder de snelbinders en weldra rij ik terug richting mijn gastvrouw die blij is met haar nieuwe bestek. De verrekening vind plaats in de vorm van een knuffel. De middag breng ik door met het pas maken van mijn vachtje voor het zadel. Het is een klus, maar het lukt. Hmmmmm, wel dik en hoog. Ik hoop dat ik met mijn pootjes nog bij de grond kom. Bij elk stoplicht omflikkeren staat niet professioneel tenslotte. We gaan het zien, als het niks is kan ik binnen no-time het er weer afhalen, iets wat meestal sneller gaat als er op zetten. De avond valt, Peter maakt een heerlijke tapas klaar en het leven voelt goed! “Que aproveche!” Eet smakelijk!

Geplaatst 27 april

De dagen bij Sanne en Peter zijn fijn, ik heb een eigen kamer en badkamer en verder mag ik gewoon pakken wat ik nodig heb, de koelkast is gevuld en er is zelfs bier gehaald voor mij. Woensdag kwam Tine voor een behandeling langs in de praktijk van Sanne en na een babbeltje natuurlijk even een foto. 

“Vind je het leuk om mee te gaan naar Kundalini Yoga?”, vraagt Sanne. “Ehmmm, uhhhhh……vind ik dat leuk?”, vraag ik. Ach, doe gek…..ik ga mee. Ik ken het niet en afkeuren zonder kennis is altijd zo makkelijk. Ik breng de dag lezend door verder en om 8 uur hebben we ‘de les’. Dekentje mee, korte broek aan en hup….. Jon en Yoga! Het gaat echt niet goed met mij geloof ik….. Angelique is een vriendin van Sanne en is bezig haar klas op te zetten in La Marina. “Hoi Jon!”, roept Angelique als we binnenstappen in haar huisje. Pret-ogen en een vrolijke lach…..! Ik mag dat wel. 5 vrouwen, 1 lerares en ehmmm 1 Jon. Angelique ziet mij kijken, lacht en roept, “Jij hebt de avond van je leven, vriend! Eerste keer, he Jon?” “Jup, ongeveer exact wel ja,” antwoord ik. Eerst een meditatie met buikademhaling, dat is mij wel bekend. Thuis doe ik ook regelmatig, even terug gaan naar mijn ademhaling en kan zo rust vinden. Maar ja, daar blijft het niet bij. Staan, knieën optrekken, armen zwaaien, bukken, strekken, draaien……. Gelukkig ben ik in een gezelschap die zich er van bewust is dat dit er allemaal best wel wierd uit ziet voor een buitenstaander. Ach, ik had gezegd mee te gaan, dus ik doe mee. Met volle overtuiging, maar met de wetenschap dat voor veel dingen een eerste keer is, maar ook altijd wel een laatste keer. Als we aan het eind onder een dekentje liggen gaat Angelique bij iedereen langs en legt haar warme handen onder de voetzolen. Hmmmm, das wel weer erg lekker. Met een big smile, die zit standaard op haar snoet geloof ik, zegt ze het leuk te vinden hoe ik mij door deze les geslagen heb. Een dikke knuffel is mijn deel, en het is het type vrouw waar je een avond op het strand bij ondergaande zon mooie gesprekken mee kan hebben stel ik mij zo voor. Maar ja, zij woont hier en ik ehmmmmm niet…… Dus ik laat die gesprekken aan andere over. 

Donderdag, even naar de stad en ik heb een afspraak bij Black Cat Ink….. Ik wil een mooie herinnering aan deze reis en ben niet vies van wat inkt in het huidje. Greg, een lekkere onvervalste bloody Englishman, weet mijn idee mooi om te toveren tot een tattoo. Het kriebelt, maar ik ben er happy mee. Hij vind mijn reis van bijna 7000 km “Awesome”, wil mijn Bike zien en op de foto samen. Op Insta plaatst hij al rap foto’s en wenst mij een mooie trip terug naar huis. Ik rij terug naar huis en we eten met z’n 3 tjes een happie. Iris is de dochter van mijn gastvrouw en heer en ik wilde haar graag nog even zien. 8 uur, Alicante, bij de Hamburgertent hebben we een half uurtje om bij te kleppen. Leuk, gezellig en natuurlijk wil ze nog even een foto van mijn motor maken voor haar vriend die ook motor rijdt. “klim er op, dan maak ik de foto!” Nu moet je weten dat Iris net 3 turfjes hoog is en makkelijk onder mijn gestrekte arm door kan lopen, maar het lukt. Behendig wipt ze in het zadel. Grappig beeld, grote motor met een kleine dame op zijn rug. Ze moet weg, haar werk roept. Ik rij terug naar huis. De avond is nog niet om, we kijken wat TV en om 12 uur is het done and dusted. Ik duik er in, morgen spullen op de motor binden en weer op pad. De reis gaat verder, al is het wel kut dat deze reis nu richting huis gaat. 

Vrijdag, het is vrijdag…..ik moet afscheid nemen van Peet en Sanne. Ik ga…..ik ik…. Ach ja, dat weet je. Je begint aan een trip en daar komt ook altijd een eind aan. Al mag ik nog een week genieten van bochten, bergen, campings, regen en zon. Maar toch…..

10 uur rij ik de poort uit en laat een stofwolk achter als ik met een lekker gangetje op de pendelen staand over de pad rij. Einde links en bij de rotonde zit er een dame vrolijk te zwaaien naar mij. Ze heeft vast mijn verhaal ook opgepakt op Facebook en wil mij graag uitzwaai…..ohnee, deze dame doet andere zaken langs de weg. 

Het land is vlak, heel erg vlak. De bergen zijn er wel,maar ik zie ze niet. Het is heiig, al doet de zon zijn best. Mijn navigatie is creatief, vind het leuk mij over een industrieterrein te sturen. Pffff, lekker spannend allemaal zeg. 

Maar de bergen, ik krijg ze steeds meer in zicht, ik kom er dichterbij, ik ruik ze zowat. Maar verdomme, elke keer rij ik er toch weer van weg. Hallo, dat wil ik niet…… Ik wil klimmen, bochten, uitzichten……dat! Maar ik moet geduld hebben. Half 1, de maag knort. Ik stop bij een bankje en trek mijn vers gesneden broodjes uit de tanktas. Water erbij en even jas uit. Het is warm, heel warm. Ik kijk naar rechts, mooie blauwe lucht met witte wolkjes, ik kijk naar links en ik zie……..Donkere wolken! Shit, ik moet wel die kant op bedenk ik mij. Hmmmmm, fijn…… Broodje op en verder. We zien wel. Nog geen 5 minuten later klapt en dondert de hemel. Dit word shit vermoed ik. Maar het blijft gelukkig droog. Nog wel….. 

Ik krijg wat ik wens, bochten….klimmen….en mooie landschappen. Ik stop voor wat foto’s en geef een droog boompje nog wat levensreddend vocht. Ik ben de lulligste niet. 

Het landschap is mooi, ik geniet weer. Het was fijn in La Marina, maar ik voel me weer op mijn plek in het zadel. Vanmiddag tentje opzetten, potje koken en verslag schrijven. Ik kijk er gewoon naar uit. Ik maak een lange bocht naar rechts en ik kon in een dal waar velden vol jonge aanwas geplant staat. Keurig in rij, bijna bij het enge af. Ik drink nog wat water en rij verder. Pats…… Druppel in mijn helm op mijn lip. En nog een….. Shit, toch regen! Maar hoe heerlijk is het als het na 2 minuten weer net zo snel stopt als dat heb begon. Mooi, als het hierbij blijft vind ik het best. Het landschap, had ik al gezegd dat het mooi is? 

De bochten komen en gaan, van korte staccato naar lange zwepende. Ik rij er heerlijk doorheen. Pfffff, wat zal dit afkicken zijn als ik thuis kom. 

De dorpjes, van klein tot zeer klein volgen zich op. Ik rij er soms dwars doorheen, net door de straatjes passende. Binnenland, in optima forma. Gaaf gaaf gaaf! Ik zie een oud distributie-centrum waar de deuren letterlijk uit de sponningen hangen. “Hmmmm, zit Peeters hier ook?”, vraag ik mij af. 

En dan pis ik weer zowat in mijn panty van het lachen. Mijn navigatie doet er alles aan om mij het naar het zin te maken, meestal door het maken van stomme opmerkingen. 

“Ga rechtsaf bij de rotonde en neem de centimeter 3217!” Huh? Wat? Hoe? 

Het is de CM-3217, maar Garmin kent duidelijk zijn maten. Hilarisch! 

Boem! Regen….binnen 2 seconde met bakken uit de hemel. Ik rij regelrecht de ellende in op die  CM-31217……. En dit is geen 2minuten-bui. Het blijft maar komen. De druppels zijn zo groot dat ik ze door mijn pak op mijn arm voel vallen. Tandje terug, de weg voelt glad. Een beetje gas en ik voelde mijn band achter al een stapje maken. Ik wil heel thuis komen, desnoods een paar uur later. Ik rij een dal in, zie eenlingen rechte weg en aan het eind van die lange weg schijnt de zon achter de bergen. Ach, daar moeten we zijn. Gas er op en hoppa…… Ik vraag me ondertussen af hoeveel boetes ik thuis ga krijgen. Ze hebben hier rare snelheden. Door een dorp 30, op een 3 baans tussen dorpen of steden 50 en in het binnenland waar je niet harder van 40 kan mag je 90…… Hmmmmmmm! Ik calculeer een paar euro in voor corrigerende sommaties. Part of the game. 

Maar Spanje speelt vals, achter de bergen waar de zon scheen is nog een berg. Achter de berg schijnt de zon. 2 bergen later is het droog en rij ik door een doorwading van een dikke 20 cm gok ik. Op zich niet erg, maar niet met 60km/h….. Ik schrik, net op tijd snelheid er uit en met 20 er doorheen. Mijn laarzen? Nat! Ach, ze kunnen er tegen. Goretex rules! Bliep, oranje lampje op dashboard, tank bijna leeg, nog 72 km te gaan. Hmmmmm, ik zit in niemandsland he…… Geen pomp in de buurt. Google aan en binnen no time vind ik een pomp. 10 km om en op mijn navigatie zie ik lijntjes waar ik blij van wordt. Maar wel met volle tank graag! Nieuw via-punt gekozen en weldra weer op pad voor het laatste deel van de dag. De pomp komt in zicht, mooi…. Tenminste, zou mooi zijn! Het is duidelijk, het bordje dat hier niet gerookt mag worden heeft zijn functie verloren. De spinrag tiert welig en de pomp is duidelijk al een poosje buiten gebruik. Shit, nog even verder rijden dus. Welke kant op? Camping is links, omrijden is tijd verknoeien. Maar geen keus, de camping is nog 65 km. Red ik niet zonder tanken. 12 km door….pomp! Ik ben gered. Ding vol gooien, flesje reiniger erbij en Big Red loopt weer als een zonnetje straks. Als cadeau krijg ik nog een mooie klim en een prachtig uitzicht op de daken van een dorpje. Leuk leuk leuk. Het beeld bekoort mij wel, kan hier wel even van genieten. De camping, nog 25 km….. Langs de kant staan betonnen palen die als wegmarkering dienden. Dienden, want leesbaar zijn ze niet meer. Hoe lang zullen ze hier al staan? Hoeveel auto’s hebben ze al voorbij zien komen? Vragen waar ik nooit antwoord op zal krijgen. Nog 10 km, kwart voor 5, het dorpje Peñascosa doemt op, nog 2 kilometer….. Ik rij fout en moet midden op het plein keren. Volle bepakking, weinig ruimte en een paar toeschouwers…..het gaat goed en weldra rij ik de camping op. Er is plek voor een nacht, €13 zonder stroom en met kabbelend beekje. 

“Anywhere you like”, zegt de dame. Ik zoek een plek, zet mijn tent op en snel komt ze aangelopen. “Parking-place Señor”, roept ze. “Anywhere I like!”, roep ik

Geplaatst 27 april

De dagen bij Sanne en Peter zijn fijn, ik heb een eigen kamer en badkamer en verder mag ik gewoon pakken wat ik nodig heb, de koelkast is gevuld en er is zelfs bier gehaald voor mij. Woensdag kwam Tine voor een behandeling langs in de praktijk van Sanne en na een babbeltje natuurlijk even een foto. 

“Vind je het leuk om mee te gaan naar Kundalini Yoga?”, vraagt Sanne. “Ehmmm, uhhhhh……vind ik dat leuk?”, vraag ik. Ach, doe gek…..ik ga mee. Ik ken het niet en afkeuren zonder kennis is altijd zo makkelijk. Ik breng de dag lezend door verder en om 8 uur hebben we ‘de les’. Dekentje mee, korte broek aan en hup….. Jon en Yoga! Het gaat echt niet goed met mij geloof ik….. Angelique is een vriendin van Sanne en is bezig haar klas op te zetten in La Marina. “Hoi Jon!”, roept Angelique als we binnenstappen in haar huisje. Pret-ogen en een vrolijke lach…..! Ik mag dat wel. 5 vrouwen, 1 lerares en ehmmm 1 Jon. Angelique ziet mij kijken, lacht en roept, “Jij hebt de avond van je leven, vriend! Eerste keer, he Jon?” “Jup, ongeveer exact wel ja,” antwoord ik. Eerst een meditatie met buikademhaling, dat is mij wel bekend. Thuis doe ik ook regelmatig, even terug gaan naar mijn ademhaling en kan zo rust vinden. Maar ja, daar blijft het niet bij. Staan, knieën optrekken, armen zwaaien, bukken, strekken, draaien……. Gelukkig ben ik in een gezelschap die zich er van bewust is dat dit er allemaal best wel wierd uit ziet voor een buitenstaander. Ach, ik had gezegd mee te gaan, dus ik doe mee. Met volle overtuiging, maar met de wetenschap dat voor veel dingen een eerste keer is, maar ook altijd wel een laatste keer. Als we aan het eind onder een dekentje liggen gaat Angelique bij iedereen langs en legt haar warme handen onder de voetzolen. Hmmmm, das wel weer erg lekker. Met een big smile, die zit standaard op haar snoet geloof ik, zegt ze het leuk te vinden hoe ik mij door deze les geslagen heb. Een dikke knuffel is mijn deel, en het is het type vrouw waar je een avond op het strand bij ondergaande zon mooie gesprekken mee kan hebben stel ik mij zo voor. Maar ja, zij woont hier en ik ehmmmmm niet…… Dus ik laat die gesprekken aan andere over. 

Donderdag, even naar de stad en ik heb een afspraak bij Black Cat Ink….. Ik wil een mooie herinnering aan deze reis en ben niet vies van wat inkt in het huidje. Greg, een lekkere onvervalste bloody Englishman, weet mijn idee mooi om te toveren tot een tattoo. Het kriebelt, maar ik ben er happy mee. Hij vind mijn reis van bijna 7000 km “Awesome”, wil mijn Bike zien en op de foto samen. Op Insta plaatst hij al rap foto’s en wenst mij een mooie trip terug naar huis. Ik rij terug naar huis en we eten met z’n 3 tjes een happie. Iris is de dochter van mijn gastvrouw en heer en ik wilde haar graag nog even zien. 8 uur, Alicante, bij de Hamburgertent hebben we een half uurtje om bij te kleppen. Leuk, gezellig en natuurlijk wil ze nog even een foto van mijn motor maken voor haar vriend die ook motor rijdt. “klim er op, dan maak ik de foto!” Nu moet je weten dat Iris net 3 turfjes hoog is en makkelijk onder mijn gestrekte arm door kan lopen, maar het lukt. Behendig wipt ze in het zadel. Grappig beeld, grote motor met een kleine dame op zijn rug. Ze moet weg, haar werk roept. Ik rij terug naar huis. De avond is nog niet om, we kijken wat TV en om 12 uur is het done and dusted. Ik duik er in, morgen spullen op de motor binden en weer op pad. De reis gaat verder, al is het wel kut dat deze reis nu richting huis gaat. 

Vrijdag, het is vrijdag…..ik moet afscheid nemen van Peet en Sanne. Ik ga…..ik ik…. Ach ja, dat weet je. Je begint aan een trip en daar komt ook altijd een eind aan. Al mag ik nog een week genieten van bochten, bergen, campings, regen en zon. Maar toch…..

10 uur rij ik de poort uit en laat een stofwolk achter als ik met een lekker gangetje op de pendelen staand over de pad rij. Einde links en bij de rotonde zit er een dame vrolijk te zwaaien naar mij. Ze heeft vast mijn verhaal ook opgepakt op Facebook en wil mij graag uitzwaai…..ohnee, deze dame doet andere zaken langs de weg. 

Het land is vlak, heel erg vlak. De bergen zijn er wel,maar ik zie ze niet. Het is heiig, al doet de zon zijn best. Mijn navigatie is creatief, vind het leuk mij over een industrieterrein te sturen. Pffff, lekker spannend allemaal zeg. 

Maar de bergen, ik krijg ze steeds meer in zicht, ik kom er dichterbij, ik ruik ze zowat. Maar verdomme, elke keer rij ik er toch weer van weg. Hallo, dat wil ik niet…… Ik wil klimmen, bochten, uitzichten……dat! Maar ik moet geduld hebben. Half 1, de maag knort. Ik stop bij een bankje en trek mijn vers gesneden broodjes uit de tanktas. Water erbij en even jas uit. Het is warm, heel warm. Ik kijk naar rechts, mooie blauwe lucht met witte wolkjes, ik kijk naar links en ik zie……..Donkere wolken! Shit, ik moet wel die kant op bedenk ik mij. Hmmmmm, fijn…… Broodje op en verder. We zien wel. Nog geen 5 minuten later klapt en dondert de hemel. Dit word shit vermoed ik. Maar het blijft gelukkig droog. Nog wel….. 

Ik krijg wat ik wens, bochten….klimmen….en mooie landschappen. Ik stop voor wat foto’s en geef een droog boompje nog wat levensreddend vocht. Ik ben de lulligste niet. 

Het landschap is mooi, ik geniet weer. Het was fijn in La Marina, maar ik voel me weer op mijn plek in het zadel. Vanmiddag tentje opzetten, potje koken en verslag schrijven. Ik kijk er gewoon naar uit. Ik maak een lange bocht naar rechts en ik kon in een dal waar velden vol jonge aanwas geplant staat. Keurig in rij, bijna bij het enge af. Ik drink nog wat water en rij verder. Pats…… Druppel in mijn helm op mijn lip. En nog een….. Shit, toch regen! Maar hoe heerlijk is het als het na 2 minuten weer net zo snel stopt als dat heb begon. Mooi, als het hierbij blijft vind ik het best. Het landschap, had ik al gezegd dat het mooi is? 

De bochten komen en gaan, van korte staccato naar lange zwepende. Ik rij er heerlijk doorheen. Pfffff, wat zal dit afkicken zijn als ik thuis kom. 

De dorpjes, van klein tot zeer klein volgen zich op. Ik rij er soms dwars doorheen, net door de straatjes passende. Binnenland, in optima forma. Gaaf gaaf gaaf! Ik zie een oud distributie-centrum waar de deuren letterlijk uit de sponningen hangen. “Hmmmm, zit Peeters hier ook?”, vraag ik mij af. 

En dan pis ik weer zowat in mijn panty van het lachen. Mijn navigatie doet er alles aan om mij het naar het zin te maken, meestal door het maken van stomme opmerkingen. 

“Ga rechtsaf bij de rotonde en neem de centimeter 3217!” Huh? Wat? Hoe? 

Het is de CM-3217, maar Garmin kent duidelijk zijn maten. Hilarisch! 

Boem! Regen….binnen 2 seconde met bakken uit de hemel. Ik rij regelrecht de ellende in op die  CM-31217……. En dit is geen 2minuten-bui. Het blijft maar komen. De druppels zijn zo groot dat ik ze door mijn pak op mijn arm voel vallen. Tandje terug, de weg voelt glad. Een beetje gas en ik voelde mijn band achter al een stapje maken. Ik wil heel thuis komen, desnoods een paar uur later. Ik rij een dal in, zie eenlingen rechte weg en aan het eind van die lange weg schijnt de zon achter de bergen. Ach, daar moeten we zijn. Gas er op en hoppa…… Ik vraag me ondertussen af hoeveel boetes ik thuis ga krijgen. Ze hebben hier rare snelheden. Door een dorp 30, op een 3 baans tussen dorpen of steden 50 en in het binnenland waar je niet harder van 40 kan mag je 90…… Hmmmmmmm! Ik calculeer een paar euro in voor corrigerende sommaties. Part of the game. 

Maar Spanje speelt vals, achter de bergen waar de zon scheen is nog een berg. Achter de berg schijnt de zon. 2 bergen later is het droog en rij ik door een doorwading van een dikke 20 cm gok ik. Op zich niet erg, maar niet met 60km/h….. Ik schrik, net op tijd snelheid er uit en met 20 er doorheen. Mijn laarzen? Nat! Ach, ze kunnen er tegen. Goretex rules! Bliep, oranje lampje op dashboard, tank bijna leeg, nog 72 km te gaan. Hmmmmm, ik zit in niemandsland he…… Geen pomp in de buurt. Google aan en binnen no time vind ik een pomp. 10 km om en op mijn navigatie zie ik lijntjes waar ik blij van wordt. Maar wel met volle tank graag! Nieuw via-punt gekozen en weldra weer op pad voor het laatste deel van de dag. De pomp komt in zicht, mooi…. Tenminste, zou mooi zijn! Het is duidelijk, het bordje dat hier niet gerookt mag worden heeft zijn functie verloren. De spinrag tiert welig en de pomp is duidelijk al een poosje buiten gebruik. Shit, nog even verder rijden dus. Welke kant op? Camping is links, omrijden is tijd verknoeien. Maar geen keus, de camping is nog 65 km. Red ik niet zonder tanken. 12 km door….pomp! Ik ben gered. Ding vol gooien, flesje reiniger erbij en Big Red loopt weer als een zonnetje straks. Als cadeau krijg ik nog een mooie klim en een prachtig uitzicht op de daken van een dorpje. Leuk leuk leuk. Het beeld bekoort mij wel, kan hier wel even van genieten. De camping, nog 25 km….. Langs de kant staan betonnen palen die als wegmarkering dienden. Dienden, want leesbaar zijn ze niet meer. Hoe lang zullen ze hier al staan? Hoeveel auto’s hebben ze al voorbij zien komen? Vragen waar ik nooit antwoord op zal krijgen. Nog 10 km, kwart voor 5, het dorpje Peñascosa doemt op, nog 2 kilometer….. Ik rij fout en moet midden op het plein keren. Volle bepakking, weinig ruimte en een paar toeschouwers…..het gaat goed en weldra rij ik de camping op. Er is plek voor een nacht, €13 zonder stroom en met kabbelend beekje. 

“Anywhere you like”, zegt de dame. Ik zoek een plek, zet mijn tent op en snel komt ze aangelopen. “Parking-place Señor”, roept ze. “Anywhere I like!”, roep ik

Geplaatst 28 april

Wakker worden met het geluid van een kabbelend beekje, hoe fijn is dat…..zelfs als je op een parkeerplaats staat. Vandaag wil ik een flinke slag maken, op naar de Franse grens. Zal niet in 1 dag lukken, maar de helft toch wel? Beetje rap kamp opbreken, koffers aan de motor hangen en snel tanden poetsen. 9 uur ben ik weg en rij eerst even naar het dorp terug. Zal vast wel een winkel zijn waar ze brood en ham ofzo verkopen. Linksaf, kluffie op, dorpje in en ja hoor….een winkeltje waar je je kont niet kan keren, zelf niet met een maatje 32. Maar alles wat ik nodig heb is er. Stokbrood, salami deze keer en water. Zo trots als een pauw met mijn nieuwe aanwinst rij ik naar het dorpsplein waar ik gistermiddag een demonstratie keren gaf en nam plaats op het bankje. Even ontbijten….. Het smaakt, waarom ook niet…..anders had ik wat anders moeten kiezen. Het is er pittoresk, de mannen staan buiten bij de voordeur praatjes te houden en oude vrouwtjes lopen op hun sloffies met een tasje richting die mega-store. Benieuwd hoe deze dames, die echt geen maatje 32 meer hebben, door de winkel kunnen lopen onder alle schappen leeg te vegen met hun derrière…….

Ik rommel nog wat aan mijn laadpunt voor telefoon en iPad en ga na goedkeuren weer op pad. De route begint een aardig eind verderop, dus mijn navigatie vraagt of ik naar het beginpunt wil rijden. “Dat is goed, jochie!”, zeg ik tegen hem als ik op JA druk. Het dorp uit, kluffie weer af en al snel zit ik weer vrolijk te neuriën als ik de horizon tegemoet rij. Het zijn lange rechte wegen, maar dat mag. Straks als ik bij mijn route ben wordt het weer feest……toch? Ik tuf lekker door, soms zelfs 120-130. Geen kip op de weg, geen flitsers (hoop ik) en hoe sneller ik deze saaie wegen achter mij laat hoe beter het is.  Het landschap is mooi hoor, maar ehmmmmmm echt bekoren doet het niet. Het is niet ‘mijn Death Valley’. In deze streek is duidelijk veel landbouw, de velden liggen er strak geploegd bij en de kleuren wisselen mooi tussen hel groen en mooi diep terracotta. Ja, ik geniet er wel van, al hoop ik……. Hmmmm, wat duurt het lang eer ik bij mijn route terug ben, denk ik. Tijd voor een stop en even checken. Ai, ik zit fout….heel fout. Al die lange rechte wegen hebben mij alleen maar van mijn route afgeleid ipv er heen. Shit……ruk! Ik baal en draai om. Het duurt nog een 45 min eer ik weer mijn vertrouwde paarse lijntje in beeld krijg. “Sla over 100 meter rechtsaf de centimeter 3117 op”, roept mijn navigatie. Ik zit weer ‘on track!’ Maar helaas de bochten blijven uit en ik begin aan de kunsten van Ben en mij te twijfelen. Zo saai hebben we het vast niet bedoeld. Maar ik berust, er komt straks vast……. Geduld, Jon! 

Zo rond de middag stop ik bij een plaatsje met bomen en bankjes, tijd om de rest van het stokbrood, wat netjes achter het scherm geklemd zit, op te peuzelen. Het is koud, ik hou mijn jas aan. Lekker, zit je in Spanje en dan heb je het koud. Dat verwacht ik als ik naar Lapland ga, niet hier. Hallo? Horen jullie mij? Nee, want het blijft koud. Ik overweeg zelfs een trui te pakken. Maar ik ben geen watje, ik ben toch een echte…..laat maar. Ik ben een watje, het is koud. Brood op, flesje water leeg en ik kijk even naar het peilglas van de olie. Ik laat Big Red lekker op toeren draaien in de bergen en dan willen boxer-blokken wel wat olie verbruiken. Hij staat laag, bij de volgende pomp maar even bijvullen. Geen nood, fles zit in de koffer. Never leave home without oil! Het land blijft saai, nee niet saai….anders. Minder spannend, glooiend. Het hoort bij Spanje, het hoort bij mijn reis. Zwerven, dan weet je nooit wat je gaat krijgen. Maar nog steeds, ik geniet! Geen zorgen. Maar toch, ik merk dat ik in de buurt kom van Parque Natural de la Serrania de Cuenca. “Die moet je ook niet met 2734 bier op uit willen spreken,” zeg ik tegen mijzelf. In de verte zie ik massieve muren van steen opdoemen. Huizenhoog, ruw, grof, zoals ik het graag zie. Binnen no time zit ik er midden in. Parque Naturaa…ehhh dat park. Bomen tot in de hemel, bomen tot aan de beekjes…..de natuur is wild en bomen vallen wel eens om. De weg is slecht, bar slecht. Als ik hier met een Harley Davidson had gereden was ik na 30 minuten alles wat aan mijn frame vast zat geheid verloren. Niet dat ik nu een statement maak over een HD, maar toch……misschien ook wel. Maar mijn grote vriend doet het goed. Hij deint lekker in zijn vering en ik geniet nog maar eens. Ben er nu toch. Ah, even Sacha een appie sturen waar ik ben. Ja, leuk bedacht maar met letterlijk 0 ontvangst en netwerk kan ik dat wel op mijn buik schrijven. Vuur is verboden, dus rooksignaaltje gaat ook niet door. Ze wacht maar even. Als ik het dal uit kom zie ik een weg langs scheve rotsen lopen aan de overkant van de vallei. Mooie bogen ondersteunen de weg, de scheve achtergrond maakt het bijna een kunstwerk. Zal ik dat straks ook rijden? Nee, helaas. Dat cadeautje krijg ik niet van Spanje. Maar iet getreurd, het park heeft nog veel in petto. Een beekje reist met mij mee, links tussen de weg en de rotsen. Helder water, heel helder. “Zou het drinkbaar zijn?”, vraag ik mij af. Geen zin in scheurbuik, ik pak wel mijn fles als ik dorst heb. De vallei uit, BAM…..uitzicht op een dorp met iets van een kasteelmuur? Precies in de zon uitgelicht, een paarhonderd meter verder is het bewolkt. Stoppen en foto…..geen kip op de weg dus de berm is niet nodig. Pling, benzinelampje aan….75km over deze keer. Ik zoek even en zie dat er 20 km verderop in de route een pomp is. Mooi, geen zweet! Na 10 km zie ik 2 GS’en staan langs de kant van de weg. Italianen, er staat 1 zonder benzine. Zijn calculatie was duidelijk minder nauwkeurig dan mijn calculatie. In vloeibaar Italiaans spreek ik ze aan, maar ze verstaan mijn niet. Vreemd…… Maar ik begrijp dat ze er wel uit komen. Ik knor door en stop bij de pomp om olie en benzine bij te vullen. Net als ik bezig ben met de olie komen de Italiaanse vrienden er aan. Hoe ze het nu gefixt hadden, geen idee. Hun Italiaans was nog steeds belabberd. Maar na een kort handen en voeten gesprek ga ik verder. Ik sta op de bok, stap op en start. Zet hem in zijn 1 en hou de koppeling in als ik hen van de bok af swing. Plop, bandjes op de grond en met een mooie zwier rij ik weg. Het gaat goed, ik val niet om. Nog niet…… Rechtsaf, klimmetje, bochtje, 13 % omhoog…..lekker! Straks ook naar beneden dus. Dat vind ik fijn rijden, leunend op je stuur, rem en koppeling om beurten bedienend……. Ik voel mij als die man die jaren terug op een poster stond die ik op mijn kamer had. In een mooie bocht gefotografeerd, duikend in zijn vering van zijn Kawazaki. Nu voel ik mij die man, op mijn BMW! 

Het is nog steeds niet echt warm, dus ik besluit mijzelf een hostel cadeau te doen. Het is bijna half 6, mooie tijd. In Nuévalos moet wat zijn. Klopt, in de bocht zitten ze. Maar helaas, vol. Bomvol. “Camping!” zegt de dame aan de balie. Shit, daar gaat mijn cadeautje. Dan maar langs de supermarkt, spullen halen en de camping met mijn bezoek vereren. Er is plek, maar niet veel. Het is een week schoolvakantie, maar als ik achter hem aanrij wijst hij mij een plekje. Kluffie op, rechts……whoooowwwwww BOEM. Mijn motor slaat af en ik sta net in de bocht. Daar ligt ie, mijn vriend. Op de koffer en valbeugel. Samen tillen we hem op, en langzaam rij ik achter de man aan achterom kijkend waar mijn ego nu precies gedeukt is.

Geplaatst 29 april

Wakker worden met joelende kinderen, tja…… Ik zwijg. Wakker wordt je er in ieder geval wel van. Ach, ik ben ook jong geweest toch? En toen was ik ook niet altijd muisstil denk ik. 

Even terug naar de vorige avond, en nee….. Niet naar mijn val, die laat ik graag achter mij. Tentje opzetten, maar het gaat regenen. Shit, ik hou der niet van. Even schuilen onder de boom en als het even minder wordt snel door. 5 minuten later staat de tent en ehmmmmm 10 minuten later is het kurkkurkdroog…… Grrrr, heb ik dit? De buurman komt langs, ziet mijn kentekenplaat en is als landgenoot natuurlijk nieuwsgierig naar mijn reis. Paul reist al jaren met vrouwlief Lieke door Europa. Hadden ooit een goede zaak en kunnen nu genieten. 

Ik pruttel wat door, richt mijn bescheiden huisje voor de nacht in met een luchtbed en slaapzak en ben al snel tevreden. Meer heb je als zwerver niet nodig toch? “Hmmmm, zijwieltjes”, mompel ik nog even……. 

Lieke komt langs, of ik trek heb in koude schotel. Ze hadden een beetje veel gemaakt en waar 2 kunnen eten, daar kunnen ook 3 eten vandaag. “Lekker, dat sla ik niet af”, antwoord ik. “Eerst even douchen en dan met een half uurtje, is dat goed?”, vraag ik. Ze vind het prima. De douche is een kluffie op via aan steile trap. Als ik nou een plek hoger had gehad, dan zou dat 465 traptredes schelen, maar het is niet anders. Ik loop in mijn strakke onderpak over de camping en ik zie de vrouwen kijken, ze fluisteren…..ik zie de mannen kijken, met afgunst…..ik loop richting de trap en stap zelfverzekerd op de 1e trede…….Flappppp, ik stap mis en flikker zowat op mij bakkus. “Hmmmm, gaat goed zo…..soepkip!”, mompel ik tegen mezelf. 

Met mijn tong op de grond kom ik bij het gebouw en het is simpel maar voldoende…..denk ik. Eerst de toiletten en daarachter is het sop-gedeelte. Hokje in, kloffie uit en kraan aan. Maar de boiler staats vast beneden bij de receptie, het duurt een eeuwigheid eer het water warm wordt. En als het warm wordt valt de druk weg. Half knuffelend met de muur weet ik mijn lijf van alle vuiligheid te ontdoen en niet veel later sta ik schoon, fris en fruitig voor de camper van Paul en Lieke. “Kom der in, jongeman!”, roept Lieke als ik tegen de deur klop. De borden staan al klaar en een biertje zit bij het pakket in. Ze reizen veel, vaak en ook ver. Dochter woont in Alkmaar, horeca-zaak gehad……we kleppen er lekker op los. 

“Is het niet eenzaam, zo op de motor reizen?”, vraagt Paul. “Ik zit hier aan tafel met 2 mensen die ik 1 uur geleden nog niet kon”, antwoord ik. Ik riep het al eerder, als je alleen reist, reis je nooit alleen. Ze lachen en snappen wat ik bedoel. De salade smaakt goed, beter dan rijst met ehmmmmmm, ga ik dit zeggen?….pastasaus wat ik nog had. Ja, culinair kan ik ook nog wel een wereldreis gebruiken, ik weet het……ik weet het. Ach, het vult en ik heb er geen magneJon voor nodig deze keer. Koffie na en na een oprechte dank neem ik plaats voor mijn tentje. Tijd om te schrijven…… Maar het is duidelijk vakantie-tijd. Kinderen gillen en schreeuwen over de camping, ze plonsen in het zwembad en hebben dikke pret. Hmmmm, even concentreren….. Een half uurtje later is het klaar en gooi ik alles online. Het is leuk om te delen, de reacties zijn leuk! En ik creëer zo mijn eigen verslag of dagboek, hoe je het noemen wilt. Ik geniet nog even van de bijna volle maan, de sterren en ehmmmmmm gillende kinderen. Om 12 uur verander ik in een pompoen en dan zijn ze mijn, gna gna gna……..

De nacht valt, het wordt stil en ik val in slaap op mijn luchtbedje. Wat ben ik blij met dat ding, een Exped, mag ik even reclame maken? Ingebouwde pomp, lekker compacte pakmaat en goed geïsoleerd met dons. Geen koude kont vannacht. Sanne loopt de Camino en slaapt niet echt fijn op een simpel matje, maar omdat ik graag iets voor hun wilde doen heb ik haar een matje cadeau gegeven. “Een bed voor een bed”, riep ze. Wat zal ze een fijne nachtrust hebben straks tijdens haar tochten.

De ochtend volgt nog altijd op de nacht en dus tijd om op te staan en op te breken. Ik heb nog stokbrood en ehmmmmmmm ham……..tja, als het mij smaakt! Het is zo lekker makkelijk. Je breekt je brood, scheurt het open en flikkert er een plak tussen. Ik hou der van…….uit het knuistje. Gezond en gevarieerd komt thuis wel weer. Kwart over 9 rol ik de camping af en al snel zit ik weer op de route. Maar vandaag is het andersom, de bochten komen al snel en daarna…….nah, komt zo. Geduld! 

Ik rij al snel tussen de rotsen door, kronkelend van links naar rechts. Het landschap is duidelijk anders dan aan de oostkust. Minder grof, glooiender, kortere colletjes waar je lekker in kan klimmen of dalen. Maar het is wel duidelijk, hier is de bewoonde wereld niet welkom. Puur de natuur en ik, bocht na bocht……en af en toe een tegenligger. Vooruit…..

Maar ruk, het is koud. Ik piep niet snel, maar het is echt koud. Motregen, wind….ik ga mijn regenpak aantrekken. 100% waterdicht en winddicht, dat scheelt een pak. Aan de horizon zie ik alleen maar donkere wolken, het wordt en dag met regen en wind gok ik zo. Maar het levert wel mooie plaatjes op. Stoppen, tanktas open, foto, tanktas dicht, rijden…. Het is een vast ritueel. Soms stap ik af, soms niet. Als ik terug loop naar mijn motor valt mij ineens de scheve valbeugel op. Thuis eens aandacht aan geven, kan niet van de val van gisteren zijn, die was zo goed als stilstaand. België? Daar ging ik ook onderuit op een off-road pad tenslotte.

De uitzichten blijven mooi maar bewolkt. Als ik Tarazone in rij zie ik links een oud gebouw. Het is ten prooi gevallen aan de natuur, zoals zoveel in Spanje. Dak weg, ramen dichtgemetseld en de deur is een houten plank. Dit soort gebouwen intrigeren mij. Wat was het? Wat vond er plaats? Wie werkten er? Het was ooit een zo statig gebouw, goed voor werk en inkomsten. Hoeveel man of vrouw zijn die trap opgelopen om aan hun chef een vrije dag te vragen! Hoeveel auto’s zijn er door de poort gereden? 1919 staat op de gevel. 99 jaar terug was dit een prachtig pand. Nu staat het te koop volgens het bord waar Vende op staat. Maar hoe lang dat bord er al hangt? Ik hou van dit soort vragen, de geschiedenis die in het gebouw hangt. Ik probeer de geur van het verleden op te snuiven, maar ik ruik niets meer dan de bladeren van de boom die bezit hebben genomen van het gebouw. 

Rond half 1 stop ik in een dorpje met een brede paradeer-strook in de hoofdstraat. Ik stel mij voor dat het de Ramblas is, ik ben er nooit geweest maar ik vind het wel passen. Het stokbrood smaakt, ik maak nog wat foto’s en tuf door. Bij Ardisa zie ik een soort waterval, maar dan getrapt. Het is een stuwdam. Ik zwier naar rechts en ga er even kijken. Het water raast over de trap heen, buldert naar het eind om tussen stenen pilaren te verdwijnen. Ik rij er even rond, verwonder mij over de kracht van water en ehmmmm moet er van plassen…… Regenpak uit, motorpak los….ehhhhh oké, jullie snappen het wel. Een hele operatie dus. 

Verder het land door, al kan het landschap mij op het moment weinig bekoren vandaag. Ik heb een dip-dag denk ik. Het is mooi, maar niet zoals de reis heen richting Alicante. Part of the game, amigo! Je wilde zwerven… Daar hoort dit bij, en het leven is niet altijd een appeltaartje. Maar de kleine dorpjes met smalle straatjes blijven leuk. Dorpjes met 100 inwoners. Wat zullen ze doen voor de kost? Eerst 1 uur door het dal rijden om ergens op kantoor te werken? Vast niet. Geen 3delig Armani-pak hier gok ik zo. Je zal hier maar geboren zijn in deze tijd, dan trek je snel weg richting de stad gok ik. 

Het is half 4 en ik stop bij een scheve brug, of wat er van over is. Maar het is nog steeds koud en ik heb vandaag geen zin in een tentje. Dan maar ff watje zijn, ik wil vanavond in bad. Even luxe….. Op 45 km afstand ligt Sabiñanigo, daar moet wat te vinden zijn. Ik rol het stadje binnen en ik zie Hotel Mi Casa. Er is een parkeergarage en een half uur later lig ik in een heerlijk warm bad.

Geplaatst 30 april

 Vanavond met oud collega Egon, die samen met zijn vrouw een camping runt vanuit een oude boerderij in zuid Frankrijk een lekker biertje gedronken…. ehhh morgen maar verhaaltje doen dus 😂

Geplaatst 1 mei (bewerkt)

Maandag, de dag dat ik afscheid ga nemen van Spanje…. Het land waar ik een beetje verliefd op ben geworden. Ik wist niet dat dit zou gebeuren. Het land heeft mij verrast op vele fronten. Wijselijk ben ik weggebleven van de vakantie-costa’s en heb het in het binnenland gezocht. Wat een keus was dat! 

Ik word wakker in het hotel en vraag mij af of ik op beton heb geslapen. Keiharde bedden en een flinterdun kussentje. Nou ja, snel ontbijten dan maar en op weg. Het is leeg in de eetzaal, ik zit er met allllllll mijn vrienden. Lekker rustig wakker worden zo. De buit is binnen, koffie en brood en een soort omelet met aardappel er in. Het smaakt mij prima, nog wel……

Ik loop naar de kamer terug en kom de waarschijnlijk enige andere gast van het hotel tegen, maar een groet kan er van zijn kant niet af. “Ook Goeiemorgen”, mompel ik. De tas zit al snel op de motor gebonden en Ik ga afrekenen. Of ik ook voor het ontbijt even €7,50 wil wegtikken. Ik kijk de dame achter de balie aan en vraag waarom ontbijt niet incluis is. “Everywhere here you pay breakfast, señor!”, sputtert ze. Ik mopper, ze bedankt mij en ik denk dat het maar goed is dat ze geen Nederlands verstaat. 

Beneden in de kelder staat mijn motor, ik start en rij met een mooie zwier de straat op met meteen een zonnetje op mijn bolletje. Heerlijk, het wordt zo’n dag. De navigatie vraagt of ik naar het beginpunt van de route wil, en na een volmondige tik op de ja-knop ga ik rechtsaf het dorp uit. Adios El Puente de Sabiñanigo. De N-330a op en na 5 kilometer kom ik bij mijn beginpunt. Er staat alleen een stalen middenberm in de weg, dus ik moet een stuk door, oven een mooie nieuwe brug, keren en weer terug. Rechtsaf de A-1604 op en weldra rij ik onder de brug door waar ik zojuist overheen reed. De betonnen peilers doorboren het wilde landschap wat ik zojuist voor mij zie opdoemen. De ochtendzon, de glinsterende muur van steen en rots en de watervalletjes maken het beeld compleet. Spanje geeft mij een mooi afscheidscadeau vandaag, zo ver is zeker. Ik geniet van dit cadeau, met volle teugen. Het zal een poos duren eer ik weer terug kom hier. Ik denk terug aan de dag dat ik Spanje binnenreed via Portbou. Dat was toen al zo’n feest. Langs de kust, kronkelend…… En nu dit nog even. En dan, ik zie een mooi stukje langs het water, mooi vlak en ik denk dat ik er met de motor wel kan komen. Ik loop eerst naar beneden, controleer het even en besluit mijn motor beneden langs het water te zetten voor een mooie foto. Frotfrot, de kluft af en ehmmmm na de bocht heb ik 2 meter de tijd om in zand te komen…… Shit, straatbanden en zand. Oké, niet handig. Ik stap af en trek mijn jas uit, zet helm af en weet die grote dikke rooie vriend er uit te duwen met slippende en ehhhhh rokende koppeling. Snel omdraaien en weg. Het plan was leuk, maar niet direct levensvatbaar. Maar 180 graden gedraaid tref ik weer zand. Maar dit keer nog zachter… Al snel tot halverwege de naaf in het zand. Hmmmmm, plan bedenken. Nu….. Koffers, tassen etc gaat er af. Met mijn survival-knive welke ik van Jelmer heb gekregen (zooooooo blij met dat mes!!!) snij ik takken af en maak een stapel. Ik laat de motor op zijn kant vallen en maak een bedje met stenen en takken. Het voorwiel trek ik even van de berg zand af en zo draai ik de motor in een gunstige richting. Motor omhoog tillen, starten en met wat kunst en vliegwerk rij ik weer naar boven. Asfalt, dat rijdt toch een stuk makkelijker. Ik bedenk mij dat ik de volgende keer zulke grappen met noppenbanden moet doen. Maar die glimlach, hij is samen met de zweetdruppels niet van mijn smoel af te slaan. I did it, I made it! Ik rij verder, geniet van mijn avontuur, al was het niet de slimste…… Maar ach, je moet je eigen avontuur maken, een ander doet het niet. Ik stop bij watervalletjes, en bij een stuwdam. De embalsa de El Grado in de Rio Cinca. Geen grote, wel een mooie rotspartij waar het water door wegloopt. Er rijden veel auto’s met kano’s op het dak. Ik denk dat dit een paradijs is voor rafting. Het landschap opent zich weer en ik krijg uitzicht op een mooie wolkendeken die als een laagje isolatie de bergen beschermt. Grillig, zo omschrijf ik het landschap maar. Alsof lava vele jaren geleden hier gestroomd heeft en waar nu voorzichtig wat groen op gaat groeien. Ik rij door en heb voor de zoveelste keer het oranje lampje in beeld. Even Google raadplegen…….ja, ruk…..vergeet het maar. Geen dekking, niet voor telefoon en al helemaal niet voor data. Gelukkig heeft mijn navigatie de optie ‘nuttige punten’ en daar staan ook de benzinestations in, al dan niet verlaten. Ik vind er een op 20 km afstand en nog aardig op de route ook. Stukje rijden en linksaf……ehmmmm, dat is en onverhard spoor. Ik rij even door, zoom uit op mijn scherm en zie dat dat pad toch echt naar de weg loopt die ik moet hebben. Omkeren en met een voorzichtig gangetje rol ik het pad op. Stijl en grote rotsblokken her en der. Langzaam op de voorrem leunend rij ik naar beneden. Zo nu en dan pootjes uit om de zooi rechtop te houden en zo kom ik beneden bij een boerderij met oud boertje en 3 honden. De boer kijkt, snapt er geen fuck van en de honden blaffen de hele streek bij elkaar. Het pad gaat door en ik zie de asfaltweg in beeld komen. Maar ook een bocht naar rechts, weg van het asfalt. “Ach, zal zo wel komen”, mompel ik. Yeahhhhh right! Het pad gaat door en door en door. Dit was niet de bedoeling bedenk ik mij zo. Maar ik moet door, terug naar 3 honden die ondertussen hun voortanden aan het slijpen zijn vind ik geen optie. En dan, een plasje…..van een meter of 8 a 9 lang over de hele breedte van de weg. Ik denk 2 seconde na en besluit dat gang alles is. Hoppaaaaaaaaa, dikke spetters, rokende uitlaatpijpen en weer die big smile op mijn smoelwerk. Ik ben er door, I made it! Mijn laarzen zijn zeiknat, de stepjes kwamen in het water. Een dikke 20 cm water bedenk ik mij. Na nog 2 waterdoorwadingen en 20 min kontspieroefeningen bereik ik het dorpje Laspuña. Asfalt rules denk ik op dit moment. Dit soort tracks zijn leuk zonder bagage en met een lichtere motor. Wie weet, ooit…… Een 2e reismotor erbij. Een f800GSA misschien? 

Het station is bemand, de grens nog een dikke 20 kilometer. Ik ga zo dadelijk afscheid nemen. Maar het is een afscheid zoals ik het niet bedacht had. De tunnel van Spanje naar Frankrijk is 3 km lang en halverwege is de grens. Stoppen kan niet, dus na de tunnel stop ik en maak een foto. Ik leg de camera weg en richt mij naar Spanje en maak een buiging. Ik bedank het land, de mooie natuur, de bochten, de gastvrije mensen, de…… Ik pink een traantje weg. Wat heb ik hier mooie kilometers gemaakt en wat heb ik een mooie herinnering in the pocket! Langzaam vallen puzzelstukjes op hun plek, langzaam kom ik terug bij mijn eigen ik. Dankjewel Spanje, tot snel!

Bonjour France, ik ben terug…… De Pyreneeën, ook hier weer die onmetelijkheid van de natuur, het sneeuwt. Ik trek mijn regenpak aan en rij verder. Ook weer mooi, alles gehad. Zon, regen, sneeuw, wind…..op de motor is alles intenser. Zo voel ik het althans wel. Wat is dit zalig. Ik reis alleen, maar in gedachte zit Brigitte af en toe achterop. In gedachten geef ik haar een klopje op haar been en ze knijpt haar armen even vaster om mijn middel. We genieten……het is leuk om ‘jullie’ mee te nemen op mijn reis. Bij Guchen de binnenweg op en langzaam krabbel ik richting Larreule, maar niet nadat ik eerst even dwars door Tarbes geleid word. Ja, de navigatie houdt wel van ‘de kortste weg’ als je hem geen zelfgemaakte route voorkauwt. Rond 4 uur rij ik Larreule binnen en weldra sta ik oog in oog met Egon. “Bonjour, monsieur!”, roep ik in mijn beste Spaans als ik het Domaine Saint Esselin op rij……..

Geplaatst 1 mei (bewerkt)

Maandag, de dag dat ik afscheid ga nemen van Spanje…. Het land waar ik een beetje verliefd op ben geworden. Ik wist niet dat dit zou gebeuren. Het land heeft mij verrast op vele fronten. Wijselijk ben ik weggebleven van de vakantie-costa’s en heb het in het binnenland gezocht. Wat een keus was dat! 

Ik word wakker in het hotel en vraag mij af of ik op beton heb geslapen. Keiharde bedden en een flinterdun kussentje. Nou ja, snel ontbijten dan maar en op weg. Het is leeg in de eetzaal, ik zit er met allllllll mijn vrienden. Lekker rustig wakker worden zo. De buit is binnen, koffie en brood en een soort omelet met aardappel er in. Het smaakt mij prima, nog wel……

Ik loop naar de kamer terug en kom de waarschijnlijk enige andere gast van het hotel tegen, maar een groet kan er van zijn kant niet af. “Ook Goeiemorgen”, mompel ik. De tas zit al snel op de motor gebonden en Ik ga afrekenen. Of ik ook voor het ontbijt even €7,50 wil wegtikken. Ik kijk de dame achter de balie aan en vraag waarom ontbijt niet incluis is. “Everywhere here you pay breakfast, señor!”, sputtert ze. Ik mopper, ze bedankt mij en ik denk dat het maar goed is dat ze geen Nederlands verstaat. 

Beneden in de kelder staat mijn motor, ik start en rij met een mooie zwier de straat op met meteen een zonnetje op mijn bolletje. Heerlijk, het wordt zo’n dag. De navigatie vraagt of ik naar het beginpunt van de route wil, en na een volmondige tik op de ja-knop ga ik rechtsaf het dorp uit. Adios El Puente de Sabiñanigo. De N-330a op en na 5 kilometer kom ik bij mijn beginpunt. Er staat alleen een stalen middenberm in de weg, dus ik moet een stuk door, oven een mooie nieuwe brug, keren en weer terug. Rechtsaf de A-1604 op en weldra rij ik onder de brug door waar ik zojuist overheen reed. De betonnen peilers doorboren het wilde landschap wat ik zojuist voor mij zie opdoemen. De ochtendzon, de glinsterende muur van steen en rots en de watervalletjes maken het beeld compleet. Spanje geeft mij een mooi afscheidscadeau vandaag, zo ver is zeker. Ik geniet van dit cadeau, met volle teugen. Het zal een poos duren eer ik weer terug kom hier. Ik denk terug aan de dag dat ik Spanje binnenreed via Portbou. Dat was toen al zo’n feest. Langs de kust, kronkelend…… En nu dit nog even. En dan, ik zie een mooi stukje langs het water, mooi vlak en ik denk dat ik er met de motor wel kan komen. Ik loop eerst naar beneden, controleer het even en besluit mijn motor beneden langs het water te zetten voor een mooie foto. Frotfrot, de kluft af en ehmmmm na de bocht heb ik 2 meter de tijd om in zand te komen…… Shit, straatbanden en zand. Oké, niet handig. Ik stap af en trek mijn jas uit, zet helm af en weet die grote dikke rooie vriend er uit te duwen met slippende en ehhhhh rokende koppeling. Snel omdraaien en weg. Het plan was leuk, maar niet direct levensvatbaar. Maar 180 graden gedraaid tref ik weer zand. Maar dit keer nog zachter… Al snel tot halverwege de naaf in het zand. Hmmmmm, plan bedenken. Nu….. Koffers, tassen etc gaat er af. Met mijn survival-knive welke ik van Jelmer heb gekregen (zooooooo blij met dat mes!!!) snij ik takken af en maak een stapel. Ik laat de motor op zijn kant vallen en maak een bedje met stenen en takken. Het voorwiel trek ik even van de berg zand af en zo draai ik de motor in een gunstige richting. Motor omhoog tillen, starten en met wat kunst en vliegwerk rij ik weer naar boven. Asfalt, dat rijdt toch een stuk makkelijker. Ik bedenk mij dat ik de volgende keer zulke grappen met noppenbanden moet doen. Maar die glimlach, hij is samen met de zweetdruppels niet van mijn smoel af te slaan. I did it, I made it! Ik rij verder, geniet van mijn avontuur, al was het niet de slimste…… Maar ach, je moet je eigen avontuur maken, een ander doet het niet. Ik stop bij watervalletjes, en bij een stuwdam. De embalsa de El Grado in de Rio Cinca. Geen grote, wel een mooie rotspartij waar het water door wegloopt. Er rijden veel auto’s met kano’s op het dak. Ik denk dat dit een paradijs is voor rafting. Het landschap opent zich weer en ik krijg uitzicht op een mooie wolkendeken die als een laagje isolatie de bergen beschermt. Grillig, zo omschrijf ik het landschap maar. Alsof lava vele jaren geleden hier gestroomd heeft en waar nu voorzichtig wat groen op gaat groeien. Ik rij door en heb voor de zoveelste keer het oranje lampje in beeld. Even Google raadplegen…….ja, ruk…..vergeet het maar. Geen dekking, niet voor telefoon en al helemaal niet voor data. Gelukkig heeft mijn navigatie de optie ‘nuttige punten’ en daar staan ook de benzinestations in, al dan niet verlaten. Ik vind er een op 20 km afstand en nog aardig op de route ook. Stukje rijden en linksaf……ehmmmm, dat is en onverhard spoor. Ik rij even door, zoom uit op mijn scherm en zie dat dat pad toch echt naar de weg loopt die ik moet hebben. Omkeren en met een voorzichtig gangetje rol ik het pad op. Stijl en grote rotsblokken her en der. Langzaam op de voorrem leunend rij ik naar beneden. Zo nu en dan pootjes uit om de zooi rechtop te houden en zo kom ik beneden bij een boerderij met oud boertje en 3 honden. De boer kijkt, snapt er geen fuck van en de honden blaffen de hele streek bij elkaar. Het pad gaat door en ik zie de asfaltweg in beeld komen. Maar ook een bocht naar rechts, weg van het asfalt. “Ach, zal zo wel komen”, mompel ik. Yeahhhhh right! Het pad gaat door en door en door. Dit was niet de bedoeling bedenk ik mij zo. Maar ik moet door, terug naar 3 honden die ondertussen hun voortanden aan het slijpen zijn vind ik geen optie. En dan, een plasje…..van een meter of 8 a 9 lang over de hele breedte van de weg. Ik denk 2 seconde na en besluit dat gang alles is. Hoppaaaaaaaaa, dikke spetters, rokende uitlaatpijpen en weer die big smile op mijn smoelwerk. Ik ben er door, I made it! Mijn laarzen zijn zeiknat, de stepjes kwamen in het water. Een dikke 20 cm water bedenk ik mij. Na nog 2 waterdoorwadingen en 20 min kontspieroefeningen bereik ik het dorpje Laspuña. Asfalt rules denk ik op dit moment. Dit soort tracks zijn leuk zonder bagage en met een lichtere motor. Wie weet, ooit…… Een 2e reismotor erbij. Een f800GSA misschien? 

Het station is bemand, de grens nog een dikke 20 kilometer. Ik ga zo dadelijk afscheid nemen. Maar het is een afscheid zoals ik het niet bedacht had. De tunnel van Spanje naar Frankrijk is 3 km lang en halverwege is de grens. Stoppen kan niet, dus na de tunnel stop ik en maak een foto. Ik leg de camera weg en richt mij naar Spanje en maak een buiging. Ik bedank het land, de mooie natuur, de bochten, de gastvrije mensen, de…… Ik pink een traantje weg. Wat heb ik hier mooie kilometers gemaakt en wat heb ik een mooie herinnering in the pocket! Langzaam vallen puzzelstukjes op hun plek, langzaam kom ik terug bij mijn eigen ik. Dankjewel Spanje, tot snel!

Bonjour France, ik ben terug…… De Pyreneeën, ook hier weer die onmetelijkheid van de natuur, het sneeuwt. Ik trek mijn regenpak aan en rij verder. Ook weer mooi, alles gehad. Zon, regen, sneeuw, wind…..op de motor is alles intenser. Zo voel ik het althans wel. Wat is dit zalig. Ik reis alleen, maar in gedachte zit Brigitte af en toe achterop. In gedachten geef ik haar een klopje op haar been en ze knijpt haar armen even vaster om mijn middel. We genieten……het is leuk om ‘jullie’ mee te nemen op mijn reis. Bij Guchen de binnenweg op en langzaam krabbel ik richting Larreule, maar niet nadat ik eerst even dwars door Tarbes geleid word. Ja, de navigatie houdt wel van ‘de kortste weg’ als je hem geen zelfgemaakte route voorkauwt. Rond 4 uur rij ik Larreule binnen en weldra sta ik oog in oog met Egon. “Bonjour, monsieur!”, roep ik in mijn beste Spaans als ik het Domaine Saint Esselin op rij……..

Geplaatst 1 mei

Het is een prettig weerzien met Egon, het is nu 2 jaar dat hij weg is en vol vlijt aan de camping werkt, samen met vrouw, zus en zwager. Zij maken hun klusjes af en ik geniet even van een bak koffie. Egon laat mij de tent zien waar ik vannacht slaap en ik kan mijn spullen even uitstallen. Paula gaat kind Denz ophalen bij de oppas en niet lang daarna is er een hap te knabbelen met natuurlijk een biertje ‘on the side’! En al zitten we dan wellliswaar in zuid Frankrijk, de temperaturen zijn nog niet je van het. Als ik mijn jas aan mijn tepel op kan hangen zowat gaan we naar binnen. Het moet wel leuk blijven tenslotte. Rond 10 uur nok ik af, zij gaan naar bed en ik loop naar de tent. Het is geen tentje, maar een tent met keuken, douche etc….. Clamping, niet verkeerd voor een nachtje hoor. De enige gasten die er zijn met kinderen zijn ook al snel in ruste en de stilte kan mij wel weer bekoren. Hij klinkt in grote lijnen net als de Spaanse, je hoort het verschil bijna niet. 

8 uur heeft Paula ontbijt klaar, en ik kan zelfs stokbrood met ……… meenemen voor onderweg. Fles limonade mee, kinder-surprise erbij en ik ben een blij mens. Paula probeert mij ongeveer de halve inhoud van de proviandkast mee te geven, maar mijn bescheidenheid wint het. Het is een leuke meid, Egon is een lucky bastard met zo’n meid. Ze moeten nog veel ontberen, enige luxe is er nog niet. Eerst de gasten en daarna gaan ze hun onderkomen aanpakken. Ik neem van de ruimte gebruik om tot een uur of 11 te schrijven en ik wil om 12 uur de poort uit rollen. Ik heb tijd zat om in Zaandam te komen tenslotte….

Mijn verhaal en foto’s gaan online en ik ga inpakken, afscheid nemen en zelfs Dens, het zoontje van 2, ontdooit en ik krijg een high 5 en een box. Leuk joch! Paula was benieuwd of ze met haar voeten op de grond kon met mijn motor. “Spring er op,” zeg ik en dat laat ze zich geen 2 keer zeggen. Ze draagt een grijze katoenen joggingbroek en ehmmmmm mijn echte nep imitatie namaak schapenbondje is nat. En dat wist ik, Paula niet…… Grote ogen, mond wagenwijd open, “Kut!” roept ze. “Ja, die is nu nat”, zeg ik heel droog. Enige hilariteit kon niet uitblijven. Dat wordt straks een droge broek aantrekken voor haar. Ik glimlach naar haar, ze kan het wel waarderen. 

Het dorp is klein, net iets groter dan 3 kippenschuurtjes en een kerk. Maar om te zeggen dat het veel scheelt? Voor ik het weet ben ik er uit na wat oude gammele huisjes te zien.

Het landschap is glooiend, ik wil het bijna Teletubbie-land noemen. Het weer is redelijk, droog maar niet heel warm nog. Komt nog wel, de vooruitzichten zijn goed. Maar niet voor vandaag helaas. Ik krijg hier en daar wat druppels.

Ik kom bij een kruising en zie tot groot vermaak dat ze hier ook veilig vrijen. Slimme jongens, die framboze…..ehhhh Fransozen. Ik rij verder, kom langs een stad in een dal gelegen en het uitzicht is grappig. Bijna het hele dal is bezaaid met huisjes. Mijn route is ten einde, en ik moet het volgende deel opstarten. Op een vreemde wijze moet ik keren, maar daar hou ik niet van. Dus door, linksaf en de weg wordt smal, smaller en het wordt weer een pad, smal pad, nog smaller pad, haakse bocht…..Pffff, heb ik dit? Als het weer wat breder wordt is er ruimte voor een foto. Ik moet er weer om lachen, ze weten mij wel te vinden met deze grappen. Ik kom weer op het juiste punt terecht en al snel zit ik weer op de juiste route. Maar ik mis iets, ik mis de pret, de glimlach….. De landschappen zijn mooi, de uitzichten net zo. Maar ik merk dat er een mindset plaats vind. Ik ben op weg naar huis. Als ik bij een klein kerkhofje kom stop ik, maak wat foto’s en denk na. Wat is er? Wat mis ik? Ik heb alles gedaan wat ik wil doen, de vrienden die ik wilde zien heb ik gezien en de zwerftochten zijn meer dan geweldig. Waren het mijn doelen die ik bereikt heb? Ik rij kalm door en rond 4 uur moet ik een keuze maken voor een slaapplaats. Arno, een vriend die ik vorig jaar in Italië ontmoet heb tipten mij al eerder over de motorcamping in de Dordogne. Ik had er al eerder naar gekeken, maar lag niet op mijn route qua tijdsplanning. Dacht ik…… Maar ik ben geen meter opgeschoten zowat, dus eigenlijk is het wel een mooie optie. De knop gaat om, net als het stuur. 13 km terug en dan bij de stoplichten rechtdoor. Ik rij over een brug die de Ehzerbrug in Almen doet verbleken. Stalen wegdek, Ai……….. Kalmpies aan, uitglijden is geen optie. Nu niet, vandaag niet en morgen ook vast niet. Het gaat goed en ik merk dat ik weer pit krijg, de gashandel gaat weer lekker open en met piepende bandjes scheur ik het terrein van de motorcamping op. Een joviaal heerschap komt naar buiten en ik gok dat het Hans moet zijn. “Klopt, en jij bent onze eerste gast van dit seizoen. Welkom, biertje?” Heerlijk, maar eerst mijn tentje opzetten…..

Geplaatst 3 mei

De camping is simpel, maar dat is met een Camping Municipal altijd wel het geval. Er staan 3 speeltoestellen verlaten in een hoekje, dus ik kom ze even gezelschap houden. 

Na mijn verhaal duik ik al snel mijn bedje in, de Nederlandse buren 20 meter verderop hebben duidelijk geen behoefte aan een praatje, of ze zijn van nature zo kort af natuurlijk. Wie zal het zeggen….

De volgende ochtend, half 8 wakker….laat voor mijn doen. Ga ik nou eindelijk aan het eind van mijn vakantie ineens uit kunnen te lopen te liggen slapen? Het zal ff lekker zijn. Maar goed, vandaag band scoren en die toren opzoeken. Dus het bekende ritueel vindt weer plaats. Tas, koffers, tent, de hele duivelde mikmak gaat weer aan en op de motor. Achterlaten is zonde tenslotte. Ik maak nog een momentje vrij voor wat leuke mislukte selfies en vind het dan wel mooi. De camping over, staand op de pedalen en bij de bocht een beetje gas om lekker driftend de bocht door te gaan. “Whoeiiiiiii…….Parijs, ik kom er aan”, roep ik hard in mijn helm. Ik heb er weer zin in, de mood is goed en de zon schijnt. 

Met toch wat geknepen billetjes rij ik richting Parijs over de route National. 53 km, en dan moet ik bij Gommes voor de deur staan zegt mijn navigatie. Die trouwens een spoedcursus Frans gedaan heeft, hij spreekt de straatnamen in vloeibaar Frans uit. Leuk, maar ik kan niet tellen in het Frans. Bij 10 houdt het op in ieder geval, en met 20 bier op kom ik tot 15…….tenminste, dat vind ik dan op zo’n moment. Maar goed, de kleine dorpjes volgen elkaar op en de kleine dorpjes worden al snel de voorsteden van Parijs. De drukte neemt toe, mijn ETA zie ik al snel oplopen. Half 11 zal 11 uur worden en nog later. Geen nood, nog steeds vakantie he? Ik verbaas mij over het verkeer, over de auto’s en vooral de scooters en motoren. Ze razen door het verkeer en spiegels zijn meer meetinstrumenten dan spiegels. Past het, dan past het en dan ook liefst met vol gas. Ik bedenk mij dat Parijs niet over 2 uur ophoudt te bestaan, dat ze wel even op mij wachten en dus kalmpies aan…. De drukte neemt nog meer toe en als ik uiteindelijk bij Gommes aankom, ben ik blij dat ik nog leef. Maar het is wel ondertussen 12 uur…..Ik vraag mij spontaan af waar mijn doodswens ineens vandaan komt. Welke gek gaat voor zijn lol in Parijs rijden, en dan helemaal op de rotonde bij de Arc de Triomphe op een motor?…. Wat een regelrechte teringzooi. Excusez moi voor mijn taalgebruik, maar veel anders is het niet. Maar goed, ik ben er…. “Pneu pour le moto, monsieur…..no problem”, zegt de beste man. Alleen ehmmmm om 4 uur pas. Shit, wachten of verder zoeken? Zijn prijs is oké, ik mag mijn koffers en andere zooi bij hem achter in de zaak zetten en zo kan ik redelijk makkelijk met de motor door Parijs tuffen de komende uurtjes. Ik troffel hem nog een bak koffie af en ik ga op weg. De toren is zo gevonden, handig dat ze hem zo hoog gemaakt hebben. Naast mij bij het stoplicht staat een nieuwe BMW GS met Nintendo-scherm. “Die is nagelnieuw”, mompel ik in mijzelf en als ik verder kijk zie ik dat de bestuurder een vrouwelijke variant is. Ze lacht, knikt en we trekken samen op als het groen is. Woep, ze geeft een dot gas en is weg. Lekker geluid, dat kan ik niet ontkennen bij die nieuwe blokken. 2 stoplichten verder staan we weer naast elkaar, ze glimlacht weer. Ik knipoog…… Leuk spelletje, wat zal ze denken? Zij gaat rechtdoor als ik linksaf ga en haar net ten huwelijk wil vragen. Jammer, volgende keer beter. 

De Eifeltoren, ik sta er dan eindelijk. Mijn laatste doel deze reis. De toren mag op de foto met mijn motor. Hoe leuk voor die toren. Vast veel leuker dan die duizenden toeristen die er elke dag langs komen. Ik rij verder en ga lunchen. Ehmmmm, verder rijden in deze heksenketel? Nee, laat maar. Ik rij terug naar Gommes en zet mijn motor voor de deur. Aan de overkant is een parkje met bankjes, ik neem er een in beslag en ga lekker met mijn kop in de zon en op mijn jas languit liggen. Uurtje wachten nog, komt goed. Het parkje is populair bij moeders met kinderen. Ik zal in ieder geval niet in slaap vallen hier. Kwart voor 4, ik loop naar de winkel terug en hij vraagt mijn sleutel. Het is een klein mannetje, maar duidelijk handig met manoeuvreren. Big Red staat op de bok en weldra heeft hij nieuw rubber. Deze keer Metzeler Tourance Next. Het zal mij benieuwen hoe ze sturen en rijden, dat is bij elk soort band toch altijd weer een wereld van verschil. De grap kost mij €330,- Tja, het kan beter maar ook slechter….dat weet ik. Dure hobby, motorrijden. Tijdens de bandenwissel had ik al een hotel gezocht, volgens de planning 1,5 uur rijden. Maar eerst de stad weer uit. Weer die drama-gasten om mij heen die achter, onder, boven en tussen mij langs willen. Wat zal ik blij zijn straks op de route National bedenk ik mij. Maar zover is het nog niet. Na een uurtje sturen hoor ik ineens een schrapend geluid, alsof mijn middenbok op straat stuitert. Stoppen op de vluchtstrook en kijken……. Het is mijn skitplate, de beschermplaat die onder mijn blok hangt. De rubbers zijn gescheurd aan de voorkant dus hij hapt naar beneden op de straat. Das niet fijn en dus trap ik de andere rubbers ook maar los. Die zijn dan ook vast aan vervanging toe denk ik zo. Plaat onder de spanband en door. Uiteindelijk toch ruim 2,5 uur onderweg als ik het zeer gezellige industrieterrein oprij waar mijn hotel staat. “Hmmmm, het is zo’n motel, zo’n plek waar voortvluchtigen achter de gordijnen staan en kijken of de  cops er al aan komen”, bedenk ik mij. Ik gedachten zie ik Thelma and Louise al over de galerij vluchten…….. Er is plek, er zijn geen huisregels en om 8 uur kan ik voor 5 knoeten nog ontbijten ook. 

Geplaatst 6 mei (bewerkt)

Ik schrik wakker van de sirenes rond het hotel, ik kijk door een kiertje van het gordijn en zie dat de straat  vol staat politiewagens en overal staan gewapende agenten. Met een megafoon roept een agent, “Thelma, Louise…….your game is over. Put your hands on your head en get out of your room. No jokes, I repeat….NO JOKES!” 

Het is zo’n hotel waar je dit kan verwachten. Sjabbie, achenebbes, louche……Zo’n hotel. Je kan er inchecken zonder paspoort, vragen worden niet gesteld. Maar ik had een bedje en ik kon mijn  motor in een hoekje uit het zicht zetten, 2 schrijfremsloten er op, alarm aan…… fingers crossed!

Als ik nog een keer door het gordijn naar buiten kijk zijn de agenten vertrokken, net zo snel als dat ze gekomen zijn. Maar mijn motor staat er nog, gelukkig. Vandaag echt de laatste ruk maken, dan is ben ik weer thuis. Met veel pijn en moeite neem ik nog een douche in de kant-en-klare plastic douche-wc-wastafel cabine die in de hoek van de kamer staat. “Meer dan 0 sterren zal dit hotel nooit krijgen,” mompel ik in mijzelf.Maar ik verbaas mij er over dat er wel een handdoek hangt, nou oke….vooruit….. een halve ster dan. Maar meer ook echt niet.

Afdrogen, motorbroek aan, laarzen aan en een T-shirt om het mooi af te kleden. Op naar de ontbijtzaal. Koffie……. Maar wat een deceptie, ik word er triest van. Je moet je brood op een blad leggen, borden zijn er niet. Vleeswaren zoals bijvoorbeeld *KUCH* ham of chorizo is er niet. De keuze is jam, in 3 varianten. Dus ik vraag het voor de zekerheid nog even. “Madame, avez vous vleeswaren?” Ze kijkt mij aan alsof ik haar zojuist in het Russisch heb uitgescholden, maar ik weet toch zeker dan ik ‘avez vous’ goed uitsprak. Laat maar, ik pak er nog 2 yoghurtjes bij en maak er maar wat van. De koffie is nog viezer dan mijn oplosmeuk en ik vermoed dat ze er eerst de ramen mee gesopt hebben. €5,-……. Niet zeiken Jon! Maar die halve ster pak ik ze toch weer snel af. Niet verdiend!

Spullen op de motor, skitplaat weer onder de spanband en ik ben klaar voor vertrek. Deur-kaartje inleveren bij de receptie en een klein dank je wel kon er al niet meer af. Adios en tot nooit denk ik.

5 uurtjes rijden, snelweg knallen en grenzen pakken. Dat is de rit vandaag. Meer kan ik er niet van maken, meer wil ik er ook niet van maken. Ik stop op gezette tijden en zorg dat de tank op tijd gevuld wordt. Ik verlaat Frankrijk, kom in het altijd pittoreske België omdat dat land nog altijd tussen F en NL in ligt. Ik denk even aan het GS-weekend en dat ik nu in het land van Chantal de Paauw rij….. Leuke mensen ontmoet toen dat weekend en ik vraag mij af of Joost mijn verhaal nog gevolgd heeft. Brussel en Antwerpen zijn al snel gepasseerd en dan bij Meer gaat het fout. Er is een dik ongeluk gebeurd en de snel weg is volledig afgesloten. De afrit, rechts af en dan ehmmmmmm ff snel op de navigatie kijken. “Ahh, ik rij dan langs De Meerselmolen,” zeg ik in mijzelf. De Meerselmolen is een oude molen waar vrienden van mij gewoond hebben. Hans was molenaar en in mijn jeugd heb ik bij hem als maatje op zijn tjalk gevaren op de Waddenzee en het IJsselmeer met betalende gasten. Hans is helaas te vroeg overleden en Ans is achtergebleven in de molen totdat ze hem verkocht heeft. Hans en Ans…. Ans heeft een nieuwe partner gevonden en die heet….. Hans. Tja, je bedenkt het niet.

Maar de molen staat er mooi bij, de nieuwe eigenaar zet het werk van Hans & Ans goed voort.

ik klap nog wat bochtjes naar links en wat naar rechts en voor ik het weet zie ik Nederlandsche straatnaamborden. De grens is geslecht, ik ben terug in eigen land. Ik draai de A58 op en kom langs de grote boom die in de middenberm staat bij een viaduct. Een boom zoals een boom er uit moet zien, maar wel op een gekke plek. Ik word al snel geconfronteerd met de harde werkelijkheid van het dagelijks leven, ik zie 2 vrachtwagens met een bekend logo. het logo wat ook op mijn loonstrook staat. Zwaaien helpt niet, ik heb 400 collega’s en deze kennen mij vast niet, en al helemaal niet met een helm op. De A27 volgt en als ik het pand van Van Eck zie weet ik dat de A2 nog enkele kilometers weg is. Utrecht, Breukelen, Abcoude….. En dan, Zaanstad staat op het volgende bord boven de snelweg. 25 minuten later open ik het hek, rij over het schoolplein en zet mijn motor in de tuin onder het balkon. BAM! 6786.1 kilometers aan ervaring rijker op zak. ik sta even stil en bedenk mij dat ik een ongelooflijke rit heb gemaakt. Een traantje, sorry…..hij is er weer. Maar wel een traantje van geluk, het intens gelukkig zijn dat ik dit kan doen. Wat een vrijheid hebben wij. Het is vandaag 4 mei, vandaag herdenken wij en morgen vieren wij de vrijheid, een vrijheid die ik in de afgelopen 3 weken mocht ervaren. Hier moeten wij zuinig op zijn, met z’n allen. Vrijheid is ons bestaan!



Lieve en beste vrienden op het GS-forum en op facebook,
Met heel veel plezier heb ik mijn reis gedeeld in woord en beeld, de reacties waren goud waard en ik heb geen idee hoeveel mensen mij in stilte gevolgd hebben, maar ik weet dat het er vele vele zijn geweest. Dank hiervoor!
Het was voor mij een reis met een doel, eens stukje Jon terug vinden. Dat is gelukt, en weet nu dat ik ook zo’n reis aan kan. 3 weken geleden zei ik bij vertrek, letterlijk, “Ik heb geen idee waar ik aan begin en ik vind het eigenlijk doodeng, maar ook fucking spannend.” Nu weet ik wel waar ik aan begon, en ik begin er graag weer aan. Zo snel mogelijk!

Post navigation

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.